top of page

Zoekresultaten

7 resultaten gevonden met een lege zoekopdracht

  • Karakter van China | Artikelen hedendaags China (ruimtevaart, hogesnelheidstreinen, Pinnacle eilande, klimaatverandering, poëzie)

    Artikelen over hedendaagse onderwerpen die met China te maken hebben. Lees je in in China's ruimtevaartprogramma, interesse in het arctisch gebied, maatregelen tegen klimaatverandering en Chinese Tang-poëzie. Welkom! Als Sinologe met een achtergrond in internationale betrekkingen, deel ik op deze website graag met jullie mijn artikelen over hedendaagse onderwerpen die met China te maken hebben. Van China's activiteiten in het noordpoolgebied en haar ruimtevaartprogramma tot de ontwikkeling van het Chinese spoorwegennet en hogesnelheidslijnen, het Chinees-Japanse conflict over de Pinnacle Eilanden (Senkaka/Diaoyu eilanden) en informatie over de Chinese taal en poëzie. Ik vul de website regelmatig aan met nieuwe artikelen. Momenteel ben ik bezig met een artikel over China en klimaatverandering, dat je binnenkort kunt verwachten op deze website. Suggesties voor nieuwe onderwerpen zijn van harte welkom. Veel leesplezier toegewenst! Marijke Mijn achtergrond Ik heb Sinologie gestudeerd aan de Rijksuniversiteit Leiden en international relations aan de Nottingham Trent University . Met veel belangstelling volg ik de geopolitieke ontwikkelingen met een focus op China. Van 2009 tot 2026 heb ik op vrijwilligersbasis als leerkracht Chinees op een basisschool gewerkt, waarvoor ik mijn eigen Nederlandstalige lesmateriaal heb ontwikkeld. Dit vormde de basis voor mijn publicatie "Chinees voor School en Thuis" (via uitgever Eduforce), een mooi vormgegeven zelfstudie methode voor iedereen die vanaf nul Chinees wil leren. Zie https://www.eduforce.nl/lesboek-chinees-voor-school-en-thuis-59810.html . Contactformulier Heb je ideeën, vragen of opmerkingen, neem gerust contact met me op. Voornaam Achternaam Email Jouw bericht Verzenden Bedankt voor je bericht!

  • China & de Noordpool | My Site

    China's activiteiten in het noordpoolgebied. Onderzoek, vaarroutes, grondstoffen, LNG, samenwerking met arctische landen (o.a. Rusland, Groenland en IJsland. China en de noordpool China noemt zichzelf een ‘ near-Arctic state ’, oftewel een ‘land dat dichtbij de Noordpool ligt’. Dit is een duidelijke aanwijziging dat China interesse heeft in het noordpoolgebied. In 2018 publiceerde China haar beleid voor de Noordpool en noemt daarin het opzetten van een ‘ Polar Silk Road ’ oftewel een ‘Zijderoute voor de Noordpool’. Het doel is om de vaarroutes in het noordpoolgebied te onderzoeken en te ontwikkelen. De Chinezen zijn al op verschillende manieren actief in het noordpoolgebied. Vaak samen met arctische landen (die wél aan de Noordpool grenzen), voeren ze onderzoek uit naar het veranderende weer in het noordpoolgebied en de invloed die dat heeft op o.a. Tibet en de Chinese kustgebieden. De Chinese samenwerking met de verschillende arctische landen staat hieronder per land beschreven. Verder voert China onderzoekexpedities uit met haar ijsbrekers /onderzoeksschepen om de vaarroutes te verkennen en om onder water bodemonderzoek te doen. Ook zijn de Chinezen geïnteresseerd in de vele kostbare grondstoffen die op de Noordpool in de bodem zitten en nu door het smelten van het ijs bereikbaar worden. Inleiding China noemt zichzelf een near-Arctic state, oftewel een ‘land dat dichtbij de noordpool ligt’. Hoewel deze nieuwe term veel commentaar kreeg, geeft dit aan dat China zeer geïnteresseerd is in het noordpoolgebied. China is geen arctisch land, wat inhoudt dat het niet grenst aan het noordpoolgebied, in tegenstelling tot de acht arctische landen voor wie dat wel het geval is (Canada, Denemarken (Groenland), Finland, IJsland, Noorwegen, Rusland, Verenigde Staten, Zweden). De acht arctische landen zijn verenigd in de Arctic Council , waarin China sinds 2013 observer status heeft verkregen, wat inhoudt dat het aan de vergaderingen en werkgroepen deelneemt, maar geen recht heeft om bij belangrijke beslissingen mee te stemmen. In 2018 publiceerde Beijing het White Paper China's Arctic Policy (Chinese versie) en noemt daarin het opzetten van een Polar Silk Road, een transportroute door het noordpoolgebied. Als aandachtspunten voor haar arctische beleid noemt China onderzoek naar het noordpoolgebied, de grote voorraad grondstoffen en energiebronnen die vrijkomen voor exploitatie met het smelten van de ijskap, milieubescherming, transportroute voor zeevaart, visserij en toerisme. Ook in de Vijfjarenplannen van China is aandacht voor het noordpoolgebied. Een Amerikaans rapport over een bodemonderzoek van het noordpoolgebied uit 2008 (Circum-Arctic Resource Appraisal (CARA), U.S. Geological Survey (USGS) ) geeft aan dat er niet alleen grote hoeveelheden olie en gas in de bodem zitten, maar ook diamant, goud, zilver, koper en andere grondstoffen. Met het verdwijnen van het ijs op de noordpool, wordt het mogelijk deze energiebronnen en grondstoffen te delven. China heeft voor haar economische ontwikkeling veel grondstoffen en energiebronnen nodig en vindt het belangrijk om niet te afhankelijk te zijn van één leverancier. Aangezien het geen arctisch land is, ziet het zich genoodzaakt samen te werken met de arctische landen om toegang te krijgen tot de grondstoffen in het noordpoolgebied en voor arctisch onderzoek. De Chinezen zijn al op verschillende manieren actief in het noordpoolgebied. Vaak in bilaterale samenwerkingsverbanden met arctische landen, voeren ze onderzoek uit naar klimaatverandering en de weersomstandigheden in het noordpoolgebied. Verder verkennen de Chinese ijsbrekers/onderzoeksschepen met onderzoekexpedities de vaarroutes in het arctische gebied en voeren onderwater bodemonderzoek uit. Ook heeft China verschillende onderzoeksstations in het noordpoolgebied, o.a. in Spitsbergen. China heeft in 1925 het Spitsbergen Verdrag (ook wel Svalbard Verdrag genoemd, naar de officiële Noorse naam die de archipel sinds 1925 heeft) ondertekend. Artikel 3 bepaalt dat alle landen die hebben ondertekend op en rondom de Spitsbergen archipel gelijke rechten hebben op o.a. mijnbouw en visserij. Hieronder worden China’s activiteiten in het noordpoolgebied en haar relaties met de verschillende arctische landen verder uitgewerkt. North Sea Route (NSR) Door de klimaatverandering stijgt de temperatuur op aarde en smelt het ijs in het noordpoolgebied snel. Langs de noordelijke kust van Rusland komt zo een vaarroute beschikbaar die steeds langer ijsvrij is gedurende het jaar. Deze zogenaamde Noordoostelijke Zeeroute (North Sea Route), die door het noordpoolgebied loopt van de Beringzee in de Grote Oceaan, via de Oost-Siberische Zee naar de Barentszee (zie Afbeelding 1), is voor China een snellere transportroute naar Europa dan de route onderlangs via de Straat van Malakka, India en het Suezkanaal. Door de kortere afstand via het noordpoolgebied kan worden bespaard op tijd en transportkosten. Afbeelding 1. Noordoostelijke route in rood en de route via het Suezkanaal in blauw. Bron: https://nl.wikipedia.org/wiki/Noordoostelijke_Doorvaart Er zijn echter ook verschillende minpunten aan het gebruik van deze nieuwe route. De weersomstandigheden in het noordpoolgebied zijn extreem en als er iets met een vrachtschip of met de bemanning gebeurt, dan kunnen hulpdiensten de plek niet altijd even gemakkelijk bereiken. Verder is d e vaarroute (nog) niet het gehele jaar door te gebruiken en vooral in de winter moet gebruik worden gemaakt van ijsbrekers om er doorheen te kunnen varen met vrachtschepen. Rusland heeft in 2020 nationaal beleid ontwikkeld ( Rules of Navigation in the water area of the Northern Sea Route, Resolution 1487 ), waarbij schepen een Russische vergunning moeten kopen bij de North Sea Route Administration (NSRA) om de route langs de Russische kust te mogen gebruiken. De Russen stellen bovendien eisen aan het gebruik van een Russische ijsbreker of ijspiloten. Al deze factoren brengen extra kosten met zich mee, maar nog steeds zou deze route goedkoper en sneller zijn dan de huidige route via het Suezkanaal. De verwachting is dat de vaarroute in 2050 helemaal ijsvrij zal zijn en er dus het gehele jaar gebruik van kan worden gemaakt zonder ijsbrekers. China gebruikt nu de zeer drukke vaarroute via de Straat van Hormuz (een smalle doorgang van de Perzische Golf naar de Golf van Oman) en de Straat van Malakka (tussen Sumatra, Indonesië en Malakka, Maleisië, zie Afbeelding 2) voor de aanvoer van bijvoorbeeld olie uit de Perzische Golf. Door piraterij en de smalle doorgang, vinden de Chinese leiders het gebruik van de Straat van Malakka een risico en noemen deze situatie het ‘Malakka Dilemma’. De doorgang van de Straat van Malakka is gemakkelijk te blokkeren en dat is een belangrijke reden waarom China niet volledig afhankelijk wil zijn van dit smalle kanaal dat de Zuid-Chinese Zee verbindt met de Indische Oceaan. China is daarom geïnteresseerd in de Noordoostelijke Zeeroute als alternatieve vaarroute. Een vergelijkbare situatie bestaat voor de Straat van Hormuz, die – net als de Straat van Malakka - gemakkelijk afgesloten kan worden (zoals Iran sinds mei 2026 heeft laten zien na de Amerikaanse aanvallen) en een belangrijke doorgang is voor tankers die olie verschepen vanuit de Perzische Golf naar de rest van de wereld. Afbeelding 2. Straat van Hormuz en Straat van Malakka. Polar Silk Road China heeft in 2013 de oude Zijderoute nieuw leven ingeblazen met het idee voor het opzetten van 2 commerciële transport routes die Azië met Europa verbinden en deel uitmaken van het Belt and Road Initiative (BRI): de Silk Road Economic Belt , een route over land via zuidoost-Azië, zuid-Azië, Centraal Azië en Rusland en de 21st Century Maritime Silk Road , een route over zee via zuidoost Azië, het Midden Oosten en Oost-Afrika. In 2017 kwam er een derde route bij, de Polar Silk Road , een route bovenlangs door de Noordelijke IJszee die een langere periode per jaar beschikbaar is door de smeltende ijskap (zie Afbeelding 3). En hier komen de Russische en Chinese belangen samen. Afbeelding 3. De 3 zijderoutes van het BRI. Bron: https://www.ucsf.edu.ar/wp-content/uploads/2015/08/ChinaPapiniCesarini.pdf . Het Russische plan om de Northern Sea Route te ontwikkelen voor commerciële doeleinden kwam voor het eerst ter sprake in de speech van premier Poetin in 2011 tijdens het Second International Arctic Forum “The Arctic – Territory of Dialogue” in Arkhangelsk. President Xi noemde in september 2013 het gezamenlijk bouwen van een economic belt langs de Zijderoute in een speech gehouden tijdens zijn staatsbezoek aan Kazachstan, wat werd geformaliseerd in formeel beleid in 2015 in The Vision and Actions on Jointly Building the Silk Road Economic Belt and the 21st Century Maritime Silk Road . In 2014 zette China het Silk Road Fund Co. Ltd. (SRF,丝绸基金, sichou jijin, https://www.silkroadfund.com.cn ) op om internationale projecten te financieren op het gebied van o.a. infrastructuur, energie en grondstoffen in het BRI. In 2015 wordt de economic belt van de Zijderoute gelinkt aan de Eurasian Economic Union (in mei 2014 opgericht door Rusland met Wit-Rusland en Kazachstan om de onderlinge economische samenwerking te bevorderen) met de Joint Statement on Cooperation of Connection Between the Silk Road Economic Belt and Eurasian Economic Union en het Joint Communiqué van 17 december 2015. De 21st Century Maritime Silk Road werd voor het eerst aangekondigd door president Xi in een speech in 2013 aan het Indonesische parlement: “ China will propose the establishment of an Asian infrastructure investment bank that would give priority to ASEAN countries’ needs. Southeast Asia has since ancient times been an important hub along the ancient Maritime Silk Road. China will strengthen maritime cooperation with ASEAN countries to make good use of the China-ASEAN Maritime Cooperation Fund set up by the Chinese government and vigorously develop maritime partnership in a joint effort to build the Maritime Silk Road of the 21st century ”. In juni 2017 wordt een transportroute via de Noordelijke IJszee (北极航道 beiji hangdao) genoemd als mogelijke derde transportroute voor het BRI in de Vision for Maritime Cooperation under the Belt and Road Initiative en begin 2018 wordt de term Polar Silk Road (冰上丝绸之路 bingshang sichou zhi lu)officieel gebruikt in China’s Arctic Policy als derde transportroute die een verbinding creëert tussen Azië en Europa. Een maand eerder was het Yamal LNG project van start gegaan, een gezamenlijk project van China en Rusland langs de "IJszijderoute", deels gefinancierd door het Silk Road Fund . De drie Yamal LNG projecten (zie China-Rusland), de Arctic Corridor (zie China-Finland) en het Belkomur project (aanleg van een Russisch spoorwegtraject tussen Perm in de Oeral en de arctische havenstad Arkhangelsk) maken tevens deel uit van de uitvoering van dit plan. Scheepsbouw voor noordpool en onderzoek Zowel het Dertiende Vijfjarenplan als het Veertiende Vijfjarenplan (2021-2025) vermeldt plannen voor de bouw van nieuwe geavanceerde ijsbrekers en andere technische apparatuur voor gebruik in noordpoolgebied. In het kader daarvan is China State Shipbuilding Corporation (CSSC) actief bezig met het ontwikkelen van China’s eigen ijsbrekers en tankers voor het noordpoolgebied. Twee scheepswerven die onder de CSSC vallen, de Hudong-Zhonghua in Shanghai en de Guangzhou Shipyard International ontwerpen en bouwen ijsbrekers, gastankers en tankers voor zwaar transport voor gebruik in het noordpoolgebied. China is momenteel (2026) in het bezit van 5 ijsbrekers geschikt voor het arctische gebied: Xuelong 1 雪龙 1 (1993), gekocht van Oekraïne en omgebouwd tot ijsbreker. Xuelong 2 雪龙 2 (2019), ontworpen door MARIC en Aker Arctic. Ji Di 极地 (2019), ontworpen en vervaardigd door de Guangzhou Shipyard International . Zhong Shan Da Xue Ji Di 中山大学极地 (2021). Tan Suo San Hao 探索三号 (2024), ontworpen door China State Shipbuilding Corporation's 704th Research Institute . Het Marine Design & Research Institute of China (MARIC), dat ook onder de CSSC valt, was verantwoordelijk voor de bouw van de onderzoeksijsbreker Xuelong 2 (samen met het Finse Aker Arctic en Guangzhou Shipyard International ). Van 1999 tot 2023 heeft China in totaal 15 onderzoekexpedities uitgevoerd met de beide Xuelong onderzoeksschepen (1999, 2003, 2008, 2010, 2012, 2014, 2016, 2017, 2018, 2019, 2020, 2021, 2023, 2024 en 2025). Het Veertiende Vijfjarenplan van de provincie Heilongjiang vermeldt het ontwerpen van nucleaire ijsbrekers als één van de focusgebieden en ook andere provincies, vnl. in het noorden van China, vermelden deelname aan de Polar Silk Road in hun plannen (zie: https://www.thearcticinstitute.org/arctic-chinas-subnational-14th-five-year-plans/ ). Onderzoek China doet al geruime tijd onderzoek naar de situatie in het noordpoolgebied en is met name geïnteresseerd in het smelten van de ijskap (stijging van de zeespiegel, vrijkomen van grondstoffen), de vaarroutes (bodemonderzoek) en de extreme weersomstandigheden en het milieu (ecosystemen). Voor dit onderzoek kocht China van Oekraïne een in 1993 gebouwde ijsbreker, doopte deze Xuelong 1 en bouwde het schip om tot een onderzoeksschip. In 2019 kwam daar de in China vervaardigde ijsbreker Xuelong 2 bij (zie Afbeelding 4). Xuelong 1 en 2 worden ook gebruikt voor de bevoorrading van de twee Chinese onderzoeksstations op de Noordpool: 1)het Arctic Yellow River Station op de Noorse Spitbergen eilanden (Svalbard) in Ny-Alesund (2004) en 2)het China-Iceland Arctic Science Observatory in Karholl, Noord-IJsland (2018). Afbeelding 4. Xuelong 2. China geeft aan dat de gevolgen van klimaatverandering op de Derde Pool, zoals de regio rondom de Tibetaanse hoogvlakte in west-China ook wel wordt genoemd, vergelijkbaar zijn met die van de noordpool. Dit gaat om de relatief snelle stijging van de temperatuur die ervoor zorgt dat de enorme hoeveelheid ijs in de bergen smelt. Hierdoor stijgt het waterpeil in de omringende meren en rivieren, maar ook de zeespiegel, wat een risico op overstroming betekent voor de steden aan de oostkust van China, waar een groot deel van de Chinese bevolking woont. Door de klimaatverandering wordt ook (de voorspelbaarheid van) het regenpatroon verstoord, wat weer negatieve gevolgen heeft voor het verbouwen van voedsel en ook kan leiden tot droogte. Aan verschillende vooraanstaande Chinese universiteiten zijn inmiddels arctische onderzoeksinstituten opgezet[1] . Eén van de belangrijkste onderzoekscentra is het Polar Research Institute of China (中国极地研究中心, PRIC, 2009), dat de onderzoeksexpedities van Xuelong 1 en 2 ondersteunt. Naast het verrichten van eigen onderzoek, zit China ook in verschillende internationale samenwerkingsverbanden voor onderzoek[2] naar de noordpool. [1] O.a. Ocean University of China, Dalian Maritime University, Xiamen University, Tongji University, Institute of Oceanology onder de Chinese Academy of Sciences. [2] O.a. China-Nordic Arctic Research Center, Arctic Council werkgroepen, International Polar Bear Year onderzoek netwerk, Asian Forum on Polar Sciences, Pacific Arctic Group, International Arctic Science Committee en de Arctic Circle. China en Groenland De 57.000 inwoners van Groenland vallen officieel onder Denemarken, maar de Act no. 473 on Greenland Self-Government van 2009 stuurt aan op een route richting volledige onafhankelijkheid. Groenland krijgt elk jaar een toelage van ongeveer $600 miljoen, iets meer dan de helft van het jaarlijks budget. Daarnaast heeft het inkomsten uit de visserij (seafood). Een nieuwe mogelijke bron van inkomsten - en een weg naar (grotere) onafhankelijkheid van het grootste eiland ter wereld – is het delven van de zeldzame aardmetalen en het uranium die er in de grond zitten en die met het smelten van de ijskap geleidelijk aan beschikbaar komen voor exploitatie. Groenland werkt sinds kort samen met buitenlandse partijen (o.a. Australië, Verenigd Koninkrijk en China) in verschillende projecten om deze grondstoffen uit de grond te halen. Dit heeft echter tot grote politieke controverse geleid, zowel in Groenland zelf bij de bevolking, die zich zorgen maakt om de schadelijke effecten voor het milieu (bij het delven van uranium komt radioactief materiaal vrij) en van de kant van Denemarken, die bang is dat buitenlandse investeringen Groenland te afhankelijk zullen maken van buitenlandse investeringen (debt trap). Toen in 2021 de linkse oppositiepartij Inuit Ataqatigiit (IA) de verkiezingen won, werd datzelfde jaar nog een (nieuwe) ban ingesteld op het delven van uranium met de Greenland Parliament Act No. 20 of 1 December 2021 (de vorige ban was in 2013 opgeheven, na een zero-tolerance beleid van 25 jaar tegen het delven van uranium). Bij de verkiezingen van 2025 haalde de oppositiepartij (Demokraatit) een grote overwinning. De democraten zijn voorstander van een geleidelijke route naar onafhankelijkheid. China is zeer geïnteresseerd in de grondstoffen van Groenland en heeft wereldwijd gezien een bijna-monopolie op het delven en verder verwerken van zeldzame aardmetalen. Vanuit geopolitiek oogpunt is Groenland derhalve zeer interessant voor o.a. de VS en Europa (met name Denemarken) die zich genoodzaakt zien om tegengas te geven en hun en Groenlands afhankelijkheid van China te verminderen. De VS heeft in het noordwesten van Groenland aan de kust een militaire basis, Thule Air Base, die onlangs is omgedoopt tot Pituffik Space Base op basis van de Defense Agreement (1951 en 2004) met Denemarken voor de verdediging van Groenland. En in juni 2019 tekenden beide landen een Memorandum of Understanding voor hyper spectraal onderzoek naar mineralen in Groenland. De Chinese aanwezigheid en projecten in Groenland voelen bedreigend voor de VS en president Trump bood in 2019 aan om Groenland te kopen uit veiligheidsoverwegingen. De grote voorraad grondstoffen en de strategische ligging van Groenland zullen zeker factoren zijn geweest die hebben meegespeeld. Verder heeft de VS haar consulaat in Groenland heropend en de samenwerking met Groenland geïntensiveerd. Als gevolg van recentere uitspraken van president Trump om Groenland, desnoods met geweld, in te lijven bij de VS, heeft Denemarken maatregelen genomen. In 2025 heeft de Deense regering in samenwerking met de Groenlandse regering twee Agreements on the Arctic and North Atlantic aangenomen om de veiligheid en verdediging van het eiland te vergroten met grotere Deense aanwezigheid en met de aanschaf van drones, patrouilleboten, satellieten, 16 F-35 vliegtuigen en marineschepen en de aanleg van een onderzeese communicatiekabel tussen beide landen. Ook worden de faciliteiten van het hoofdkwartier van de Joint Arctic Command in de Groenlandse hoofdstad Nuuk uitgebreid. Het Deense Export & Import Fund (EIFO ) maakte plannen bekend voor een lening van EURO 5,2 miljoen aan GreenRoc Strategic Materials voor de ontginning van een grafietmijn in Amitsoq. China heeft/had enkele mijnbouwprojecten lopen in Groenland, die vaak hoopvol begonnen maar onder invloed van politieke factoren verrassende wendingen opleveren en uiteindelijk niet werden gerealiseerd. Citronen Fjord zinc project Het consortium van dit project bestond aanvankelijk uit Ironbark Zinc Ltd (Australië) en de investeerder China Nonferrous Metal Industry’s Foreign Engineering and Construction Co (NFC), die in 2014 een niet-bindende Memorandum of Understanding tekenden. De Groenlandse licentie is in 2016 afgegeven aan de dochteronderneming Ironbark A/S voor het delven van zink en lood. NFC zou de engineering, procurement & construction (EPC) voor haar rekening nemen. Voor het project zou ook infrastructuur moeten worden gebouwd (o.a. transportwegen). Eind 2021 gaf de Amerikaanse Export-Import Bank (EXIM) aan bereid te zijn $657 miljoen te investeren in het project onder het 402A Program (CTEP ), dat Chinese invloed moet weren. Dit aanbod werd in 2024 weer ingetrokken . In 2024 wisselde het bestuur van Ironbark en het bedrijf veranderde haar naam in Skylark Minerals Ltd . Eind 2024 verkocht Skylark haar belangen in de mijn aan Almeera Ventures Ltd (Dubai). Hiermee eindigde de deelname van China/NFC in het project. Isua Iron Mine project (Isukasia) Het consortium bestond aanvankelijk uit de volgende 3 partijen: London Mining Greenland A/S, Sinosteel Equipment and Engineering Co. Ltd en China Communications Construction Corp. London Mining Greenland A/S (UK) is een dochteronderneming van London Mining PLC). De dochteronderneming kreeg een licentie voor het project in 2013 maar het moederbedrijf ging in 2014 failliet door lage ijzererts prijzen en de ebola crisis in Sierra Leone, waar het bedrijf actief was in de Marampa mijn. Er loopt momenteel een rechtszaak in het Verenigd Koninkrijk tegen het bedrijf vanwege corruptie. General Nice Development Ltd. (俊安集团 jun’an jituan) uit Hong Kong kocht London Mining Greenland A/S i n januari 2015, maar lijkt de projectlicentie in 2021 door inactiviteit en financiële problemen te hebben verloren, volgens verschillende bronnen. London Mining een rechtszaak aangespannen tegen de Groenlandse overheid vanwege de intrekking van de licentie. Ook waren er arbeidsrechtelijke problemen, omdat het Chinese bedrijf 2.000 Chinese arbeiders naar Groenland wilde laten overkomen vanwege het tekort aan arbeidskrachten in Groenland. De licentie aan London Mining uit 2013 staat echter nog steeds vermeld in het overzicht met actieve exploitatie licenties van de Groenlandse overheid. In 2016 wilde General Nice een marinebasis kopen in Grønnedal die in 2014 verlaten was door de Royal Danish Navy , maar de Deense regering haalde de marinebasis van de markt onder druk van de VS. Uitbreiding landingsbanen China Communications Construction Corp. (中国交通建设股份有限公司 zhongguo jiaotong jianshe gufen youxian gongsi) bracht in 2018 in een internationale tender een bod uit voor de uitbreiding en vernieuwing van de landingsbanen van de luchthavens in Nuuk, Ilulissat en Qaqortoq, maar trok dit in 2019 in. Het bedrijf werd van 2009 tot 2017 door de World Bank op de zwarte lijst geplaatst i.v.m. frauduleuze biedingen in de Filippijnen. De Denen besloten vervolgens zelf de financiering te regelen. Kvanefjeld project Het consortium van het Kvanefjeld project (Groenlandse naam: Kuannersuit) bestond aanvankelijk uit 2 partijen: Greenland Minerals and Energy (GME), een Australisch bedrijf dat sinds eind 2022 is genaamd Energy Transition Minerals (ETM), en NFC (zie Citronen project) met haar dochteronderneming Guangdong Zhujiang Rare Earths Company (广东珠江稀土有限公司guangdong zhujiang xitu youxian gongsi). NFC tekent een niet-bindende Memorandum of Understanding met GME in 2014. In 2016 komt er een derde partij bij: Shenghe Resources Holding Co. Ltd. (盛和资源控股股份有限公司 shenghe ziyuan konggu gufen youxian gongsi) – dat valt onder China Geological Survey – koopt een 12,5 % aandeel van GME. GME en Shenghe sluiten in 2018 een MoU. Shenghe gaat vervolgens in 2019 de samenwerking aan met China National Nuclear Corporation en hun gezamenlijke dochteronderneming China Nuclear Hua Sheng Mining kreeg de verantwoordelijkheid voor het vervoeren van de delfstoffen naar China voor verdere verwerking. Afbeelding 5. Kvanefjeld in Zuid-Groenland. Het project (zie Afbeelding 5) omvat het delven van zink, uranium en zeldzame metalen. Met name het delven van uranium, waarbij radioactief materiaal vrij komt, roept weerstand op bij de lokale bevolking. Het instellen van een ban op het delven van uranium in 2021 door de nieuw gekozen Groenlandse regering was bedoeld om het project te stoppen. Als gevolg van deze nieuwe wet is de licentie voor het project in 2023 ingetrokken door het Ministry of Mineral Resources and Justice . ETM heeft hiertegen protest aangetekend en er lopen momenteel twee rechtszaken die ETM heeft aangespannen tegen een arbitrage hof in Kopenhagen en tegen een rechtbank in Groenland . ETM eist een schadevergoeding van 10 miljard euro. Het Franse bedrijf Orano heeft in januari 2021 twee vergunningen voor vijf jaar gekregen van de regering van Groenland voor onderzoek naar uranium. Na de overwinning van IA in de landelijke verkiezingen in april dat jaar (zie hierboven) gaf Orano aan in mei met haar werkzaamheden te stoppen gezien de weerstand van de nieuwe regering tegen het delven van uranium. Wegener Halvø project Het Britse Nordic Mining kreeg in 2007 een exploratievergunning voor de Wegener Halvø kopermijn en in 2009 kocht het Chinese privébedrijf Jiangxi Zhongrun zich in voor een 20% aandeel. Jiangxi Zhongrun zette vervolgens een joint venture op met het Chinese staatsbedrijf Jiangxi Copper in 2011, genaamd Jiangxi Union Mining. Beide Chinese bedrijven en London Nording Mining trokken zich om financiële redenen terug uit het project en de exploratievergunning werd overgenomen door het Australische Greenfields Exploration Pty Ltd. in 2017. Deze vergunning verliep in 2019. China en IJsland De economische crisis van 2008 bracht IJsland en China samen. Aangezien IJsland geen EU-lid was, kwam het land, toen het in de financiële problemen geraakte, niet in aanmerking voor het EU structuurfonds en China schoot financieel te hulp. De samenwerking is sindsdien geïntensiveerd, ondanks het feit dat IJsland verschillende malen kritiek heeft geuit op China over de mensenrechtensituatie in Xinjiang. China ziet IJsland als een strategisch gelegen samenwerkingspartner en heeft met het oog op de toekomst haar grootste ambassade gebouwd in Reykjavik. Memorandums of Understanding (2012) In 2012 werden er vervolgens meerdere MoU ’s en Framework Agreements getekend ter gelegenheid van het staatsbezoek van de Chinese premier Wen Jiabao aan IJsland. De focus lag op wetenschappelijk onderzoek in het noordpoolgebied en geothermische energie: Framework Agreement on Arctic Cooperation between the Chinese Government and the Icelandic Government (中华人民共和国政府与冰岛政府关于北极合作的框架协议 ), 20 april 2012. Memorandum of Understanding on Cooperation in the Field of Marine and Polar Research between the State Oceanic Administration of the PRC and the Ministry of Foreign Affairs of Iceland (中国国家海洋局与冰岛外交部海洋和极地研究合作谅解备忘录), 20 april 2012. Dit leidde tot een nieuwe MoU voor samenwerking in het CIAO project (zie hieronder). Memorandum of Understanding on Geothermal and Geosciences Cooperation between the Ministry of Land and Resources of the PRC and the Ministry for Foreign Affairs of Iceland (中国国土资源部与冰岛外交部关于地热与地学合作的谅解备忘录 ),28 april 2012. Het doel is samenwerking op het gebied van geowetenschappen en geothermie voor het ontwikkelen van schone energie. Letter of Intent for an investment to build a new solar polysilicon plant and expand high-purity metallic silicon in Iceland between Sinochem Bluestar Group and the Icelandic Ministry of Industry (中化蓝星集团公司与冰岛工业部在冰新建太阳能多晶硅工厂和扩建高纯金属硅投资意向书), 20 april 2012. Het doel is om twee fabrieken te bouwen in IJsland: een solar silicon fabriek en een silicon smelter (zie blz. 3 onder silicon). Blue Star heeft Elkem Iceland in 2011 gekocht. Framework Agreement on expanding the Scale, Business and Cooperation of Geothermal Resource Development between Sinopec and the Icelandic Orka Energy Company (中国石油化工集团公司和冰岛奥卡能源公司关于扩大地热资源开发规模、业务及合作的框架协议). Het doel is om met Shaanxi Green Energy Geothermal Development Co. Ltd. (陕西绿源地热能源开发有限公司) – een joint venture tussen Sinopec New Star Petroleum en Orka Energy - geothermische toepassingen in China verder uit te breiden. Vóór 2012 werd al samengewerkt aan het opzetten van districtsverwarmingssystemen die draaien op geothermische schone energie in plaats van kolen, o.a. in de stad Xianyang (provincie Shaanxi, 2006 ), de stad Baoding (Xiong County, Hebei, 2009 ) en in Binnen-Mongolië (2010, samenwerkingsovereenkomst ). De joint venture Shaanxi Green Energy Geothermal Development Co. Ltd . (陕西绿源地热能源开发有限公司, was opgericht in 2006 door Shaanxi Zhongdi Energy Development and Construction Company en de IJslandse Enex China Company (eigendom van Geysir Green Energy (80,5%) en Reykjavik Energy Invest (19,5%)). Zhongdi verkocht haar aandeel in de joint venture (51%) in 2008 geheel aan Shaanxi Geothermal Construction Co. Ltd. van Sinopec New Star Petroleum Co. Ltd . Enex China had een 49% aandeel in de joint venture . In 2009 verkreeg Sinopec een aandeel in ENEX-China en in 2011 verkreeg Orka Energy Holding Ltd. 49% van ENEX-China (nu Arctic Green Energy ). Memorandum of Understanding between Promote Iceland and China Development Bank on planning consultancy cooperation (国家开发银行与冰岛促进局“规划咨询合作备忘录”), getekend in 2014. Free Trade Agreement (2013) Ter gelegenheid van het bezoek van de IJslandse premier aan China in april 2013 werd zowel de Joint Statement between PRC and Iceland on Comprehensively Deepening Bilateral Cooperation (中华人民共和国和冰岛政府关于全面深化双边合作的联合声明 ) als een vrijhandelsovereenkomst (FTA; 中华人民共和国政府与冰岛政府自由贸易协定) tussen beide landen getekend, in hetzelfde jaar dat de aanvraag voor het IJslandse EU-lidmaatschap afketste. In de tekst van de FTA wordt in artikel 95 bij de onderzoeksthema’s verwezen naar MoU 2 en 3 uit 2012, vermeld hierboven. IJsland steunde China daarna bij het aanvragen van de observer status voor de Arctic Council , zoals toegezegd in de Joint Statement , en betrok China actief bij de jaarlijkse bijeenkomsten van de Arctic Circle Assembly (ACA, opgericht in 2013 door IJsland). CIAO (2016) Een verdere uitwerking van MoU 2 was de Memorandum of Understanding on Chinese-Icelandic Research Cooperation on Arctic Issues between the Polar Research Institute of China and the Icelandic Center for Research getekend op 17 augustus 2012, voor wetenschappelijke samenwerking in het noordpoolgebied. Deze MoU werd vernieuwd in 2013 en in 2018. Binnen dat kader werd het China-Iceland Joint Aurora Observatory (CIAO ) in oktober 2016 opgericht, dat in 2018 van naam veranderde door uitbreiding van de werkzaamheden en nu China-Iceland Arctic Science Observatory heet. Dit observatorium in Kárhóll betreft een samenwerkingsverband tussen het Polar Research Institute of China (PRIC) en het Icelandic Centre for Research (RANNIS), in eerste instantie voor onderzoek op het gebied van de aurora borealis (noorderlicht) en de atmosfeer, later ook voor meteorologie, ecologie, geologie en klimaatverandering. In 2018 waren de gebouwen nog in aanbouw en veel apparatuur moest nog geleverd worden. Gedurende COVID waren de Chinese wetenschappers geruime tijd afwezig en eind juli 2024 eiste het Icelandic Regional Development Institute de gedwongen verkoop van de gebouwen en de grond, omdat de bouwkosten het budget overschreden en een achterstallige lening was opgelopen van ISK 120 miljoen (ongeveer EURO 835.500) naar ISK 160 miljoen (EURO 1,1 miljard). In de VS werd dit faillissement genoemd in een brief van het Congres of the US House of Representatives Select Committee on the CCC van 16 oktober 2024, waarin de Amerikaanse zorgen werden geuit over dual-use van data binnen het project door China en de mogelijkheid om militair verkeer te monitoren. Aangezien IJsland geen eigen leger heeft, valt de verdediging van de IJslandse veiligheid onder Amerikaanse verantwoordelijkheid volgens een bilaterale defensie overeenkomst van 1951 met aanvulling 2017 . IJsland is lid van de NAVO sinds 1949. Washington maakte zich tevens zorgen over de Chinese uitnodiging aan IJsland om lid te worden van het BRI en kwam in februari 2024 met een bilaterale energie-overeenkomst US-Iceland Energy and Climate Partnership tussen de IJslandse Minister of Environment, Energy and Climate en de Amerikaanse Secretary of Energy . Dit betreft samenwerking op het gebied van geothermische energie, koolstofbeheer en waterstof productie. CNARC (2013) China wilde graag een multilateraal samenwerkingsverband met meerdere Noord-Europese landen opzetten en kwam in 2013 met een voorstel voor een onderzoeksinstituut voor gezamenlijk onderzoek naar het noordpoolgebied. Op 10 december 2013 tekenden 10 onderzoeksinstituten een samenwerkingsovereenkomst om het China-Nordic Arctic Research Center (CNARC) op te richten, gevestigd in Shanghai. Het Center is erg actief gebleken, met het opzetten van fellowships en beurzen, het organiseren van jaarlijkse symposia en economische ronde tafel bijeenkomsten en vele publicaties. In 2023 trokken de beide Zweedse partijen zich terug en werd het enige Deense instituut dat deelnam in CNARC gesloten. Licentie Dreki In januari 2014 verleende de IJslandse nationale energie autoriteit Orkustofnun een offshore licentie met kenmerk OS-2014-L003-01 voor het zoeken naar olie in het Dreki gebied (Jan Mayen Ridge) ten noordoosten van IJsland aan een consortium bestaande uit: 1) CNOOC Iceland ehf (China), voor een aandeel van 60%; 2) Eykon Energy Corporation (Iceland) voor een aandeel van 15%; 3) Petoro Iceland AS (Norway) voor een aandeel van 25%. In 2018, aan het eind van de eerste tussenfase, gaven CNOOC en Petoro hun licentie op en zag Eykon zich genoodzaakt naar nieuwe partners te zoeken. De licentie was geldig tot 22 januari 2026. Bezoek oktober 2025 Na het bezoek van de IJslandse president aan Beijing in oktober 2025 werd een Joint Statement afgegeven over verdere samenwerking tussen beide landen, o.a. op het gebied van geothermische energie. China en Finland Rond 2017 was de relatie tussen China en Finland nog goed te noemen. Er waren veel plannen voor samenwerking en het bezoek van president Xi aan Finland in 2017 werd afgesloten met een Joint Declaration on Establishing and Promoting the future-oriented new-type cooperative partnership . Beide landen spraken daarbij af te gaan samenwerken op het gebied van duurzame oplossingen voor het milieu zoals hernieuwbare energie, recycling, toepassen van biomassa energie en luchtkwaliteit. Ook het bouwen van ecologische smart cities en economische en technologische samenwerking in het noordpoolgebied stonden op het programma. Dit samenwerkingsverband werd in 2019 verder uitgewerkt met het Joint Action Plan between China and Finland on Promoting the Future-oriented New-type Cooperative Partnership 2019-2023 , een document van ruim 30 pagina’s. Voor wetenschappelijk onderzoek in het noordpoolgebied zouden projecten worden uitgevoerd in een samenwerking tussen het PRIC , het CNARC en het Arctic Centre van de University of Lapland . Ook onderzoeksprogramma’s tussen de University of Lapland en verschillende topuniversiteiten stonden op het programma. Ook de vergaderingen van de Chinese-Finnish Joint Commission on Economic, Industrial and Technical Cooperation en de Chinese-Finnish Joint Commission on Scientific and Technical Cooperation werden gebruikt voor de verdere uitwerking van de partnership . Rond 2020 bekoelde de relatie echter en Finland zag veiligheidsrisico’s in de samenwerking met China (bijv. dual-use van data door Chinese wetenschappers), die versterkt werden door o.a. de Chinese steun aan Rusland in de oorlog met Oekraïne vanaf februari 2022 en het incident met de Chinese containerschip NewNew Polar Bear in 2023, dat onderweg naar St. Petersburg de gaspijpleiding beschadigde die loopt tussen Finland en Estland. De veranderde Fins-Chinese relatie is terug te zien in het Joint Action Plan between China and Finland on Promoting the Future oriented New-type Cooperative Partnership 2025-2029 , dat werd getekend na het staatsbezoek van de Finse president Stubb in 2024 aan Beijing. Het document is flink uitgedund en bestaat uit slechts 6 pagina’s, waarin samenwerking in het noordpoolgebied niet wordt genoemd en waarbij de focus ligt op duurzame groei (klimaatverandering, circulaire economie, stadsverwarming en schone energie). Ook in Finland’s Strategy for Arctic Policy (2021-2030) komt de veranderde relatie tot uitdrukking (pg. 18): “ Of the non-Arctic countries China, in particular, has shown increasing economic and strategic interest in the region and especially in its natural resources, infrastructure and transport routes. China's global goals and efforts to play a greater role in the Arctic may create conflicts of interest, particularly between great powers, and heighten tensions in the region. ” Het incident met de NewNew Polar Bear leidde tot het samenwerkingsverband Baltic Sentry in 2025 tussen NAVO-leden rond de Baltische Zee, waaronder Finland, om kritieke onderzeese infrastructuur intensiever te beschermen. De Joint Statement van 14 januari 2025 geeft aan dat de NAVO verhoogde waakzaamheid zal betrachten en haar militaire aanwezigheid in de Baltische Zee gaat opvoeren met o.a. maritieme patrouilles en drones en dat de Russische schaduwvloot met toenemende aandacht zal worden gevolgd. Toenemende samenwerking met VS De Finse aanvraag voor NAVO-lidmaatschap, toegekend in april 2023, is een duidelijk teken dat Finland in toenemende mate voor politieke steun naar het westen kijkt en dat de samenwerking met China (en Rusland) is bekoeld. Veel van de recente projecten tussen Finland en China hebben dan ook geen doorgang gekregen of zijn afgeblazen. De VS is in 2023 een Agreement on Defense Cooperation aangegaan met Finland, waarbij Finland 15 militaire basissen beschikbaar stelt aan Amerikaanse troepen. ICE Pact 2024 I n een Joint Statement van 13 november 2024 kondigden de VS, Canada en Finland het Icebreaker Collaboration Effort Pact (ICE Pact) aan. Van Finse zijde is het Ministry of Economic Affairs betrokken, van Amerikaanse zijde Homeland Security en van Canadese zijde het Ministry of Public Works and Government Services . De drie landen verenigen hun expertise om samen geavanceerde ijsbrekers te bouwen. De VS heeft in oktober 2025 in het kader van de uitbreiding van haar ijsbrekersvloot voor het poolgebied 4 ijsbrekers (middelgrote Arctic Security Cutters ) besteld bij Finland ( MoU 9 oktober 2025 ). Ook bij het Far North Fiber project (sinds 2021, zie Afbeelding 6) zien we een intensievere samenwerking van Finland met de VS en een terugtrekkende beweging weg van Rusland. Het project omvat de aanleg van een onderzees glasvezelkabelnetwerk van ruim 14.000 km lang, dat door arctisch gebied loopt van Azië (Japan) via de VS (Alaska) en Canada naar Europa (Noorwegen, Finland en Ierland) . Projectleider is Far North Digital, LLC (Alaska) in samenwerking met True North Global Networks (Canada), Cinia Ltd. (Finland, ook betrokken bij het North Pole Fiber project en het Polar Connect project ), Alcatel Submarine Networks (ASN, dat ook meedoet aan het E2A project ) en ARTERIA Networks Co. (Japan). Het project zou eind 2027 operationeel moeten zijn en heeft financiële steun gekregen van de EU . Ondertussen legt Rusland haar eigen onderzeese kabels in het noordpoolgebied ( Polar Express ), nadat gesprekken tussen Cinia Oy en het Russische Megafon voor het Arctic Connect project voor het leggen van een onderzeese telecomkabel van Europa naar Siberië in 2021 werden beëindigd. Afbeelding 6. Glasvezelkabelnetwerk Far North Fiber project. Bron: https://www.submarinenetworks.com/en/systems/trans-arctic/far-north-fiber Helsinki-Tallinn spoorlijntunnel (FinEst Link project) Op 5 januari 2016 tekenden Finland en Estland een Memorandum of Understanding waarmee het FinEst Transport Link Initiative werd opgezet met als doel de economische integratie en transportverbindingen tussen Helsinki en Tallinn te ontwikkelen. Hierin wordt opdracht gegeven tot een voorbereidend haalbaarheidsonderzoek naar de mogelijkheid voor een FinEst Transport Fixed Link , d.w.z. een vaste verbinding in de vorm van een onderzeese spoorlijntunnel onder de Golf van Finland door met een hogesnelheidslijn tussen Helsinki (luchthaven Vantaa) en Tallinn (luchthaven Ülemiste). De tunnel moet de ferry vervangen en zou de reistijd van 2-3 uur terugbrengen naar 20-30 minuten. Voor het creëren van een aaneengesloten Arctic Corridor , zou deze zgn. Talsinki tunnel worden verbonden met de Arctic Railway , een spoorlijn tussen Rovaniemi (Finland) en Kirkenes (Noorwegen). Deze spoorlijn is inmiddels van tafel geschoven door de Regional Council of Lapland , die wel een alternatieve route aan het onderzoeken is ( Fell Railway ). Ook zou de tunnel in Tallinn verbonden worden met Rail Baltica , een EU-project voor een Baltisch spoorlijnnet dat wordt aangesloten op het bestaande Europese spoorlijnnet. Het FinEst Link Project wordt deels gefinancierd vanuit het EU’s Interreg Central Baltic Program en zou een uitbreiding betekenen van de Polar Silk Road binnen het BRI met het creëren van een Arctic Corridor tussen de Baltische Zee en de Northern Sea Route. China is derhalve zeer geïnteresseerd in dit initiatief en in 2019 tekende de uitvoerder van zowel de Talsinki tunnel als de Arctic Railway, FinEst Bay Area Development , een financieringsovereenkomst met de Chinese investeerder Touchstone Capital Partners voor 15 miljard euro en een Memorandum of Understanding met 3 andere Chinese projectpartners, China Railway International Group Ltd (CREC), China Railway Engineering Company en China Communications Construction Company . In 2020 gaf de Estse overheid haar twijfels en zorgen over nationale veiligheid aan bij uitgebreide Chinese financiering van het project. Letland gaf onlangs aan niet de financiële middelen te hebben voor haar aandeel van het traject, maar aanvullende financiering door de EU eind 2024 faciliteert verdere uitvoering van het project. Na afronding van de FinEstLink Haalbaarheidsstudie in 2018 door Sweco, werd op 26 april 2021 een nieuw Memorandum of Understanding tussen Finland en Estland getekend, gericht op verdere samenwerking in het Talsinki spoorlijntunnel project, waarbij de uitvoering van het Rail Baltica Global Project (Helsinki-Tallinn-Pärnu-Riga-Panevežys-Kaunas-Vilnius-Warschau) als belangrijke voorwaarde wordt gezien. Opvallend is dat de tunnel in de MoU wordt gezien als “ high security risk infrastructure ”, waardoor risicobeoordelingen bij alle partijen nodig zijn. Het financiële aandeel van Touchstone is inmiddels verkleind en het is niet meer de grootste investeerder in het project . Luchthaven Kemijärv Een ander project, waarbij het Polar Research Institute China en de Chinese Arctic and Antarctic Administration in januari 2018 interesse toonden in het kopen of leasen van een luchthaven bij Kemijärv voor arctische onderzoekvluchten, werd tegengehouden door het Finse Ministerie van Defensie. De luchthaven ligt dicht bij een militaire trainingszone van de Finse strijdkrachten. Ook was er de mogelijkheid om het vrachtverkeer in de NSR te bestuderen met deze vluchten. Wetenschappelijke samenwerking FMI-ARC en CAS Op 8 april 2018 werd een overeenkomst getekend tussen het Institute of Remote Sensing and Digital Earth , dat valt onder de Chinese Academy of Sciences en het Finnish Meteorological Institute –Space and Earth Observation Center in Sodankylä om een gezamenlijk onderzoekscentrum te bouwen voor arctische ruimteobservatie, het monitoren van het arctische milieu en het delen van data. Van Chinese zijde werd de samenwerking omschreven als het bouwen van een onderzoekscentrum met grondstations voor remote sensing en navigatiesatellieten. Uiteindelijk werden er geen nieuwe grondstations gebouwd en bleef de samenwerking beperkt tot bezoeken in de periode 2018 tot 2021 door vijf Chinese onderzoekers aan Sodankylä voor een uitwisseling van satellietdata. De overeenkomst van 3 jaar werd niet verlengd. Bioraffinaderij Kemijärvi Toen president Xi Finland bezocht in 2017, werd een bindend contract getekend voor de bouw van een bioraffinaderij in Kemijärvi (Lapland) door het Finse Boreal Bioref Oy, China CAMC Engineering Co. Ltd. en het Luxemburgs/Zweedse Silvi Industries AB (2016-2024) op 5 april 2017. China Development Bank, Shanying International Holding en Shenyang Investment Management waren betrokken voor de financiering. Een jaar later tekende CAMCE een mutual exclusivity agreement met Boreal Bioref Oy . Op 29 maart 2018 kreeg Shanying International Holding een meerderheidsbelang in Boreal Bioref. In 2019 wordt de milieuvergunning afgegeven en daarna volgen enkele financiële aanpassingen. In 2020 maakt Boreal Bioref bekend dat het Chinese aandeel kleiner zal worden en dat er wordt gezocht naar nieuwe investeerders uit Finland en de EU voor een meerderheidsaandeel. Begin 2021 neemt Vataset Teollisuus Oy het project over en probeert nieuwe investeerders aan te trekken. Het jaarverslag van 2024 van Shanying ver meldt dat Bioref in een staat van faillissement verkeert . Bioraffinaderij Kemi Kaidi Finland , een dochtermaatschappij van de Chinese Sunshine Kaidi New Energy Group , wil in Kemi een biodiesel raffinaderij bouwen. In 2016 kocht Kaidi Finland van de stad Kemi de bouwgrond voor de fabriek. In december 2024 heeft het stadsbestuur de grond teruggekocht van Kaidi. Pulpfabriek Kuopio Het Chinese bedrijf Hengan International Group Co. Ltd . was in 2018 bereid te investeren in de bouw van een pulpfabriek in Kuopio. De Finse partij Finnpulp Oy was eigenaar van het project, maar gaf het project op in 2022 na problemen met de milieuvergunning bij het Hooggerechtshof. MoU energiesamenwerking De huidige Chinese-Finse samenwerking lijkt zich momenteel te focussen op schone energie. Op 27 januari 2026 tekenden China en Finland tijdens het bezoek van de Finse premier Orpo aan China een MoU op het gebied van schone energie, smart energy en energie technologie innovatie. China en Rusland Russische strategie voor noordpoolgebied In 2020 werden de Foundations of the Russian Federation State Policy in the Arctic for the Period up to 2035 goedgekeurd (gewijzigd en uitgebreid in 2023). Het document beschrijft het Russische arctische beleid dat als voornaamste nationale belangen aangeeft de bescherming van Ruslands soevereiniteit en het behouden van vrede en stabiliteit in het arctisch gebied. De bouw van infrastructuur langs de Northern Sea Route (art. 6.c) en modernisering van de ijsbrekervloot worden genoemd en voor de infrastructuurontwikkeling (art. 13d-g) van het gebied staat op de planning het bouwen en moderniseren van zeehavens, havenfaciliteiten, spoorwegen en luchthavens en het aanleggen van onderzeese glasvezelkabels langs de Northern Sea Route (art. 13j). Samenwerking China-Rusland De samenwerking tussen China en Rusland met betrekking tot het arctische gebied richt zich voornamelijk op het ontwikkelen van de infrastructuur langs de Northern Sea Route en het vervoer van Russische grondstoffen naar China voor verdere verwerking aldaar. Rusland staat open voor Chinese investeringen, maar probeert tegelijkertijd het portfolio van investeerders divers te houden en een meerderheidsbelang te houden in projecten. Hoewel Rusland destijds geen voorstander was van het verlenen van de observer status aan China in de Arctic Council , werkt Moskou nu – mede gedwongen door de opgelegde sancties – steeds nauwer samen met Beijing. Een voorbeeld daarvan zijn de gezamenlijke LNG-projecten. LNG1 project Het Yamal LNG1 project ((ook bekend onder de naam Sabetta Port Project , Chinese naam亚马尔液化天然气项目 ya ma er yehua tianranqi xiangmu en Russische naam Ямал СПГ of ОАО "Ямал СПГ") werd uitgevoerd op het schiereiland Yamal (zie Afbeeldingen 7 en 8), in noordwest Siberië en betreft het opzetten van infrastructuur voor de verwerking en het vervoeren van vloeibaar aardgas (LNG) via de Noordoostelijke Zeeroute naar China. Het project omvatte de bouw van een fabriek voor het verwerken van vloeibaar aardgas in de buurt van het Zuid-Tambey gasveld ( Yuzhno-Tambeyskoye field ) en de ontwikkeling van de benodigde infrastructuur: de zeehaven Sabetta , een spoorweg en een vliegveld ( Sabetta International Airport ). De bouw van de fabriek werd in 2018 afgerond en Sabetta International Airport werd rond 2015 in gebruik genomen. Het project begon in 2013 als een joint venture tussen Novatek (80%) en het Franse Total S.A. (20%). Vervolgens kocht China National Petroleum Corporation (CNPC) in 2013 20% van de aandelen en in 2016 nam het Chinese Silk Road Fund 9,9% van de aandelen voor haar rekening, zodat de verhoudingen van de JSC Yamal LNG joint venture uit zijn gekomen op Novatek (50,1%), Total (20%), CNPC (20%) en SRF (9,9%). Leningen kwamen ook van de China Development Bank, China Export-Import Bank en van de Russische Sberbank en Gazprombank . Nadat Novatek door sancties werd getroffen na de annexatie van de Krim en westerse expertise niet meer bij het project kon worden betrokken, sprong de Russische overheid bij met een forse lening en China bood financiële ondersteuning met het Silk Road Fund . De sancties na de Perzische Golfcrisis (2019-2020) troffen enkele Chinese bedrijven verantwoordelijk voor het verschepen van het vloeibare aardgas vanuit Sabetta. De sancties opgelegd na de inval in Oekraïne troffen Russische staatsbedrijven waaronder de Sberbank en de Gazprombank . Voor het verschepen van het vloeibare aardgas naar Rusland, Europa en Azië vroeg Rusland het Finse Aker Arctic om 15 ijsbrekertankers ( Arc7 ice-class gas carriers ) te ontwerpen en Sovcomflot gaf vervolgens de opdracht om deze te bouwen aan Daewoo Shipbuilding in Zuid-Korea. China dong mee voor deze opdracht, maar kreeg deze niet toegewezen. Wel kregen Chinese scheepswerven opdrachten voor pre-gefabriceerde modules voor de fabriek. Rusland wilde niet te afhankelijk worden van China en zocht diversificatie van haar samenwerkingspartners. LNG2 project Het consortium van het Arctic LNG2 project bestond in 2018 uit Novatek 60%, Total (10%), CNPC (10%), CNOOC (10%) en Japan Arctic LNG ( Mitsui & Co, Ltd. en JOGMEC ) (10%). Het project wordt uitgevoerd op het schiereiland Gydan, dat naast Yamal ligt en omvat de bouw van een fabriek voor de verwerking van vloeibaar aardgas afkomstig uit het nabije Utrenneye gasveld (zie Afbeelding 7 en 8). Afbeelding 7. Locatie LNG1 en LNG2 project. Bron: Total. Het project heeft zwaar te kampen gehad met tegenslagen, waardoor de uitvoering ernstig is belemmerd. Door de sancties hebben alle buitenlandse investeerders (sommige met zware verliezen) zich uit het project teruggetrokken door overmacht ( Total, Mitsui, JOGMEC, CNPC, CNOOC ), wat neerkomt op 40% aandeel in het project. De Japanse Bank for International Cooperation trok een lening van bijna 2 miljard dollar in, Linde en Siemens stopten de samenwerking en ook een aantal Chinese scheepswerven, verantwoordelijk voor de productie van geprefabriceerde modules voor de fabriek, trekken zich nu terug als gevolg van de nieuwe sancties die gericht zijn op LNG technologie, goederen en diensten. Daewoo Shipbuilding heeft in 2022 een opdracht voor 3 tankers opgezegd vanwege het uitblijven van betalingen door Sovcomflot als gevolg van de opgelegde sancties. De bouw werd vervolgens overgenomen door de Russische Zvezda scheepswerf, die moeite had met het tijdschema van de opleveringen, maar met behulp van staatssubsidies en financiering door de Russische VEB Bank , in 2024 5 tankers opleverde samen met Samsung Heavy Industries (SHI), waarmee de samenwerking inmiddels is gestopt. In 2023 stapte het Franse Gaztransport & Technigaz (GTT) uit het project. Novatek zocht door het vertrek van haar partners naar nieuwe partners en ging samenwerken met Green Energy Solutions uit de Verenigde Arabische Emiraten, dat in 2023 ook doelwit van de sancties werd. Door het risico op sancties, trok het Chinese bedrijf Wison New Energies zich eveneens geheel terug uit het project in juni 2024. Afbeelding 8. Yamal LNG en Arctic LNG 2, Siberië. LNG3 project Het LNG3 project was onderdeel van het Russische federale LNG-programma en zou rond 2029 van start gaan, maar is niet opgenomen in de " Energy Strategy of the Russian Federation until 2050 ", die het Russische Ministerie van Energie in april 2025 publiceerde. Het plan voor de exploitatie van het Severo-Obskoye (Noord Obskoye) gasveld is daarmee waarschijnlijk voortijdig ter ziele gegaan onder invloed van de Amerikaanse sancties, danwel tijdelijk stopgezet. Power of Siberia Op 21 mei 2014 tekenden Gazprom en China National Petroleum Corporation (中国石油天然气集团公司) de Gas Sales and Purchase Agreement voor de Russische levering van gas aan China gedurende 30 jaar via de Chinees-Russische Oostelijke Route gas pijpleiding (中俄东线天然气管道), die bestaat uit een Russisch deel en een Chinees deel. Het Russische deel van de pijpleiding heet sinds 2012 Power of Siberia en begint in het Chayanda veld in Jakoetsk (sinds 2022 aangevuld met het Kovykta veld in Irkoetsk) naar knooppunt Blagoveshchensk, waar het China binnenkomt bij Heihe in de provincie Heilongjiang, verder gaat naar Changling in de provincie Jilin en via Yongqing in Hebei naar Shanghai loopt (zie Afbeelding 9). De bouw van het Chinese deel werd in 2024 afgerond. De pijpleiding levert sinds 2019 aardgas vanuit Siberië aan China. Het bedrijf China Petroleum Pipeline heeft meegewerkt aan de bouw van deze pijpleiding. Het Veertiende Vijfjarenplan vermeldt een verdere uitbreiding van de East-route met nieuwe pijpleidingen in China. Afbeelding 9. Power of Siberia. Power of Siberia 2 Verder zijn er al 15 jaar af en aan discussies gaande over een nieuwe route voor de gaspijpleiding Power of Siberia 2 (西伯利亚力量-2号, vóór 2012 bekend als de Altai pijpleiding) met een traject van Yamal (Urengoy) via Kazachstan of Mongolië / Xinjiang naar China om het aardgas van het Yamal LNG1 project te vervoeren. Deze westelijke route is echter nog niet definitief vastgesteld en de onderhandelingen lopen nog. De Chinese aarzeling komt voort uit de hoge kosten voor de aanleg van de pijpleiding en de aardgasprijs die Rusland vraagt. China wil te grote afhankelijkheid van Russisch aardgas voorkomen en zet recentelijk bovendien sterk in op duurzame energie. In september 2025 tekenden China, Mongolië en Rusland een MoU voor de bouw van de Power of Siberia 2 gaspijpleiding naar Mongolië (mogelijk via de grensstad Kyakhta) en de transit gaspijpleiding, de Soyuz-Vostok (Union East), door Mongolië naar China), maar de details moeten nog verder worden uitgewerkt. Het Vijftiende Vijfjarenplan vermeldt verdere voorbereidende werkzaamheden voor de China-Russia Central Line Natural Gas Pipeline (=Power of Siberia 2). Far Eastern Route - uitbreiding Sinds 2015 zijn er plannen om de bestaande Russische SKV-gaspijpleiding (Sakhalin-Khabarovsk-Vladivostok) die langs de Chinese grens loopt, uit te breiden naar China met een zijtak van 25 km. De gaspijpleiding zou bij de stad Hulin (provincie Heilongjiang) China binnen komen en onder de rivier de Ussuri door lopen in de buurt van de stad Dalnerechensk. Op 4 februari 2022 werd een overeenkomst getekend tussen Gazprom en CNPC ( Far East Natural Gas Purchase and Sales Agreement between China National Petroleum Corporation and Gazprom ,中国石油天然气集团有限公司与俄罗斯天然气工业股份公司远东天然气购销协议) voor gasleveringen aan China via de Far East(ern) route , en in november 2023 werd China Oil and Gas Pipeline Network Corporation ( PipeChina) erbij betrokken voor de bouw van de pijpleiding in China, van Hulin via Changchun naar Shijiazhuang (zie Afbeelding 10). In 2025 is begonnen met Fase 1 van de bouw van het traject bij de Russisch-Chinese grens. Het Vijftiende Vijfjarenplan vermeldt de verdere bouw van de Far East Natural Gas Pipeline. Afbeelding 10. Far East gaspijpleiding. Kolmozerskoye project In 2023 maakte Nornickel bekend dat de joint venture Polar Lithium, een samenwerkingsverband tussen Nornickel en Rosatom lithium gaat winnen in Kolmozerskoye op het Kola Schiereiland bij Moermansk. Een jaar later kwam het Chinese bedrijf Metallurgical Corporation of China International Incorporation Ltd. (中冶国际工程集团有限公司, MCC International) erbij als partner, die zal gaan bijdragen aan het project met o.a. de productie van batterijen. Er zal een productiefaciliteit worden gebouwd. Program of Cooperation between Northeast China and Russia’s Far East and Eastern Siberia (2009–2018) Dit samenwerkingsprogramma bestond uit meerdere projecten op het gebied van o.a. transport en infrastructuur, investeringen en grensbeheer. Slechts 13,3% van de voorgesteld projecten is uiteindelijk gerealiseerd. Het programma werd opgevolgd door het China-Russia Far East Development Plan (2018-2024) met samenwerking op het gebied van o.a. grondstoffenindustrie, bos- en landbouw en transport. Arctic Express No. 1 Een ander infrastructuur project langs de Northern Sea Route , een samenwerkingsverband tussen het Chinese NewNew Shipping Line and Rosatom State Nuclear Energy , is de Arctic Express No. 1 . Dit betreft een transportroute tussen Rusland en China via spoor en zee van Moskou via Arkhangelsk naar Ningbo en Shanghai. De route is sinds juli 2024 in gebruik en vervoert de vracht binnen 20-25 dagen . Er zijn tevens plannen voor het bouwen van een vloot vrachtschepen (ARC7-class) die de route het gehele jaar door kunnen gebruiken. Belkomur project Het Belkomur project (BELoe more-KOMi-URal) is een plan voor een verticaal spoorlijntraject van 1160 km lang in noord-Rusland van de arctische havenstad Arkhangelsk (aan de Witte Zee, Белое море) via de republiek Komi naar Solikamsk in de Oeral (zie Afbeelding 11) voor goederentransport (olie, gas, hout, steenkool). Projectleider is JSC Interregional Company Belkomur . Het project wordt gesteund door de federale autoriteiten die echter niet de financiële middelen hebben voor de uitvoering en positief staan tegenover Chinese investeringen in het project. Het project past in de opbouw van infrastructuur rondom de Russische Northern Sea Route en de verdere ontwikkelingen van de noordelijke Russische regio. Afbeelding 11. Belkomur project. Bron: https://web.archive.org/web/20220523030613/http://belkomur.com/en/docs/1.php . Rusland had onderhandelingen met verschillende Chinese bedrijven, waaronder Poly Technologies , onderdeel van Poly Group Holding Co. Ltd ., die een overeenkomst tekende in 2015, waarbij Poly Technologies verantwoordelijk was voor financiering en bouw van een deel van de spoorlijn in het project. Ook COSCO was geïnteresseerd in het project, met name in de bouw van een diepwater haven in Arkhangelsk. De China Export-Import Bank was ook aanwezig bij de gesprekken en in 2020 toonde China Railway Construction Corporation (CRCC) hernieuwde interesse (na een MoU in 2012). Maar Chinese investeringen bleven uit, ondanks duidelijke Russische overheidssteun. In maart 2025 werd het project wederom in de wacht gezet door een gebrek aan financiële middelen. Moermansk Memorandum In maart 2023 tekenden de Chinese Kustwacht en de Russische Federale Veiligheidsdienst (FSB) een MoU over maritieme rechtshandhaving in het arctische gebied. Beide landen gaan samenwerken in het bestrijden van terrorisme, illegale migratie, drugs- en wapensmokkel. Rusland kiest voor samenwerking met China , nu de Russische kustwachtsamenwerking met de arctische staten is stopgezet. Beide landen zullen gezamenlijke kustwachtoefeningen gaan uitvoeren. China en Noorwegen Een keerpunt in de Noors-Chinese relatie was 2010, toen Noorwegen de Nobelprijs voor de Vrede toekende aan de Chinese mensenrechten activist Liu Xiaobo. Vóór 2010 waren er plannen voor een vrijhandelsovereenkomst tussen beide landen. Door de vele grondstoffen en strategische positie bij de noordpool, is Noorwegen een interessant land voor China. Maar hoewel sinds 2016 de relatie enigszins is hersteld, is de samenwerking niet intensief te noemen. China in Noors arctisch beleid In de Noorse Arctic Policy van 2021 wordt de militarisering van Rusland als grootse bedreiging gezien, terwijl over China weinig meer wordt gezegd dan dat Noorwegen China’s observer status in de Arctic Council steunt. Het Threat Assessment Report “Focus” (2025) van de Noorse Veiligheidsdienst NIS besteedt wel veel aandacht aan China’s groeiende rol in het noordpoolgebied. China’s interesse in infrastructuur langs belangrijke handelsroutes, o.a. in Noorwegen (o.a. door COSCO Shipping ), wordt genoemd. De laatste versie van het Noorse arctische beleid " Norway in the High North - A High North policy for a new era " (augustus 2025) vermeldt dat Noorwegen een restrictief beleid zal volgen jegens China en inzichten in Chinese activiteiten in het hoge noorden met NAVO-bondgenoten zal delen. Ondertussen vinden er in het kader van Arctic Sentry NAVO-verdedigingsoefeningen plaats in het Noorse arctische gebied om de operationele gereedheid in het gebied te vergroten (o.a. Cold Response 2026, Mjolner 2026, Steadfast Deterrence 2026 ). Spitsbergen/Svalbard China heeft in 1925 het Svalbard Verdrag (ook wel genoemd ‘Spitsbergen Verdrag’) ondertekend. Artikel 3 bepaalt dat alle verdragslanden op en rondom de Spitsbergen eilanden gelijke rechten hebben op o.a. mijnbouw en visserij. In 2004 realiseerde China het Arctic Yellow River Station op Spitsbergen/Svalbard voor arctisch onderzoek. Recentelijk kwam het onderzoeksstation op Spitsbergen negatief in het nieuws door mogelijk dual-use onderzoek . In 2014 wilde de Chinese investeerder Huang Nubo land kopen op Spitsbergen/Svalbard, doch de aankoop werd verhinderd door de Noorse regering, die het stuk land in Austre Adventfjord zelf kocht. Ook de Chinese interesse in het bouwen van een radar antenne op de Svalbard EISCAT locatie in Adventdalen werd afgeketst door Oslo. Noorse samenwerking met COSL Meerdere Noorse bedrijven werken samen met het Chinese bedrijf China Oilfield Services Ltd (COSL), dat vier booreilanden bezit. Het contract dat het Chinese COSL Offshore Management A/S in 2023 afsloot met de Noorse bedrijven Equinor en Vår Energi voor het gebruik van de COSL Prospector , een booreiland gebruikt voor het boren naar gas en olie in de Barents Zee tot 1500 meter diep, leidde in Noorwegen tot politieke zorgen over veiligheidsriciso’s , maar in oktober 2024 werd groen licht gegeven voor het project door de Noorse autoriteiten. Het betreft een contract voor 2 jaar met de mogelijkheid voor uitbreiding tot 5 jaar. Sinds de samenwerking begon, zijn er al op verschillende plekken grote olievoorraden gevonden . COSL is ook in het bezit van de COSL Promoter , een booreiland dat in wateren tot 750 meter diep kan worden gebruikt. Het Noorse bedrijf Wellesley Petroleum heeft in 2024 een contract afgesloten met COSL voor het gebruik van de COSL Promoter in de Noordzee . Ook heeft Equinor twee contracten met COSL Offshore Management A/S voor het gebruik van de booreilanden COSL Promoter en COSL Innovator . Chinese interesse in Kirkenes De Noorse stad Kirkenes is strategisch gelegen langs de NSR en Chinese bedrijven, waaronder COSCO , hebben strategische en logistieke interesse in de kleine havenstad. De Chinezen zien de stad graag uitgroeien tot een logistieke spil in de regio (naast de Russische havens Moermansk en Sabetta), maar eerder werden de plannen voor een spoorlijn tussen Rovaniemi en Kirkenes al voortijdig afgebroken en de Noorse autoriteiten maar ook andere partijen kijken met wantrouwen naar de Chinese intentie om te investeren in een grote diepwater haven in het stadje en van Kirkenes een stop te maken als onderdeel van de BRI en de NSR.

  • China en klimaatverandering | My Site

    Welke gevolgen heeft klimaatverandering voor China? Aan de oostkust zorgt de stijgende zeespiegel voor overstromingen en op de Tibetaanse hoogvlakte smelten de gletsjers en vergroten het risico op overstromingen.

  • China's spoorwegnet en HSL | My Site

    Ontwikkeling van spoorwegnet en hogesnelheidslijnen in China. Ontwikkeling van Chinese spoorwegnet en hogesnelheidslijnen De Chinese spoorwegen hebben vanaf 2004 belangrijke veranderingen ondergaan. In 20 jaar tijd heeft de Chinese overheid enorme investeringen gedaan om het spoorwegnet uit te breiden met hogesnelheidslijnen, het personenvervoer van goederenvervoer te scheiden, dubbel spoor op veel trajecten aan te leggen, het spoorwegnet voor reguliere treinen (met een focus op west en centraal China) uit te breiden, trajecten verder te elektrificeren en stadsagglomeraties en regio’s met elkaar te verbinden. Met de Vijfjarenplannen van de overheid wordt de ontwikkeling gestructureerd en met overheidssteun uitgevoerd. Tot 2013 was het Ministry of Railways (铁道部 tiedaobu, MOR) verantwoordelijk voor het Chinese spoorwegnet. Aangezien zowel de uitvoering als het toezicht onder hetzelfde ministerie vielen, werd het MOR eind 2013 opgeheven en werden haar taken verdeeld over de volgende overheidsorganisaties: Ministerie van Transport (交通运输部,jiaotong yunshu bu, MOT): verantwoordelijk voor opbouw en planning van een geïntegreerd transportsysteem, ontwerpt beleid en regelgeving voor toezicht en beheer van de spoorwegen; ontwikkelt technische normen en houdt toezicht daarop; toezicht en beheer veiligheid van bouw aan de spoorwegen; toezicht op kwaliteit dienstverlening; statistieken; National Railway Administration (国家铁路局 guojia tieluju, NRA) valt onder het Ministerie van Transport. China Railway Corporation (中国铁路总公司 zhongguo tielu zong gongsi, CRC): management, bouw en onderhoud. Sinds 2019 genaamd China State Railway Group (中国国家铁路集团有限公司 zhongguo guojia tielu jituan youxian gongsi, vaak afgekort tot 中国铁路 zhongguo tielu, China Railway ). Vijfjarenplannen Het Tiende Vijfjarenplan (十五计划 shi wu jihua;2001-2005) vermeldt het opzetten van een conventioneel spoorwegnet (corridors voor uitbreiding en versterking van transport en personenvervoer) met 8 horizontale en 8 verticale lijnen (八纵八横 ba zong ba heng). Ondertussen wordt in 2004 het “Plan voor de middellange en lange termijn van het Spoorwegnet” (中长期铁路网规划 zhongchangqi tieluwang guihua) aangenomen met een macro-opzet voor 4 horizontale en 4 verticale hogesnelheidslijnen, die belangrijke knooppunten delen met het conventionele spoorwegnet (zie “Ontwikkelen van hogesnelheidslijnen”). Verder staat uitbreiding in het westen op het programma: de bouw van een oost-west corridor, een corridor die de westelijke gebieden met elkaar verbindt en het opzetten van een internationale corridor in het westen. Voor het eerst worden in een Vijfjarenplan de hogesnelheidslijnen genoemd en speciale spoorlijnen voor personenvervoer. Er worden snelheidsverhogingen uitgevoerd om op 200 km/u te komen en er wordt alvast begonnen met de voorbereidingen voor de bouw van de hogesnelheidslijn van Beijing naar Shanghai. Ook wordt de term 综合交通体系 (zonghe jiaotong tixi; geïntegreerd transportsysteem) geïntroduceerd in 2001, waarbij spoorwegen, wegen, zeehavens, binnenvaart en luchtvaart en pijpleidingen met elkaar worden verbonden en worden afgestemd en geïntegreerd in één transportsysteem. Tiende Vijfjarenplan - 8 verticale lijnen (zie Afbeelding 1): Beijing-Harbin-Manzhouli corridor (donkeroranje lijn); Corridor langs de zee: Shenyang, Dalian, Yantai, Wuxi, (Shanghai), Hangzhou, Ningbo, Wenzhou, Xiamen, Guangzhou, (Zhanjiang) (oranje lijn); Beijing-Shanghai corridor (gele lijn); Beijing-Kowloon corridor: Beijing, Nanchang, Shenzhen, Kowloon (groene lijn); Beijing-Guangzhou corridor: Beijing, Wuhuan, Guangzou (paarse lijn); Datong-Zhanjiang corridor: Datong, Taiyuan, Jiaozuo, Luoyang, Shimen, Yiyang, Yongzhou, Liuzhou, Zhanjiang, (Haikou) (donkergroene lijn); Baotou-Liuzhou corridor: Baotou, Xi’an, Chongqing, Guiyang, Liuzhou, (Nanning) (grijze lijn); Lanzhou-Kunming corridor: Lanzhou, Chengdu, Kunming (donkergrijze lijn). Afbeelding 1. Tiende Vijfjarenplan 8 verticale lijnen. Tiende Vijfjarenplan - 8 horizontale lijnen (zie Afbeelding 2): Beijing-Lanzhou corridor: Beijing, Hohhot, Lanzhou, (Lhasa) (donker oranje lijn op kaart); Noordelijke corridor voor steenkolentransport: Datong- Qinhuangdao en Shenmu-Huanghua (oranje lijn); Zuidelijke corridor voor steenkolentransport: Taiyuan-Dezhou en Chanzhi-Jinan-Qingdao; Houma-Yueshan-Xinxiang-Yanzhou-Rizhao (gele lijn); Landbrug corridor: Lianyungang, Lanzhou, Urumuqi, Alashankou (donkergrijze lijn); Ningxi corridor: Xi’an, Nanjing, (Qidong) (donkergroene lijn); Corridor langs de Rivier: Chongqing, Wuhan, Jiujiang, Wuhu, Nanjing, Shanghai (donkerblauwe lijn); Shanghai-Kunming (Chengdu) corridor: Shanghai, Zhuzhou, Huaihua, Guiyang, Kunming (Huaihua-Chongqing-Chengdu) (donkerpaarse lijn); Zuidwestelijke Corridor die bij Zee uitkomt: Kunming, Nanning, Litang, Zhanjiang (paarse lijn). Afbeelding 2. Tiende Vijfjarenplan 8 horizontale lijnen. Deze opzet is uiteindelijk slechts gedeeltelijk gerealiseerd, maar vormt de basis voor zowel het toekomstige conventionele spoorwegnet als het hogesnelheidsnetwerk. De doelstellingen van het Elfde Vijfjarenplan ( 十一五规划 shi yi wu guihua ; 2006-2010; https://www.gov.cn/gongbao/content/2006/content_268766.htm ) waren het aanleggen van nieuwe spoorlijnen (17.000 km), waarvan 7.000 km speciaal voor personenvervoer, extra spoor aanleggen op 8.000 km van bestaand spoor (dubbel spoor) en het elektrificeren van 5.000 km van bestaand spoor. Het netwerk van hogesnelheidslijnen zou in 2010 20.000 km omvatten en op 13.000 km van bestaande hoofdlijnen zou een snelheid (moeten) worden bereikt van 200 km/u. Verder zou er in het westen van het land 35.000 km spoor komen en in 2010 en een spoorlijncorridor voor steenkooltransport van het westen naar het oosten van het land (zie Afbeelding 3). Afbeelding 3. Elfde Vijfjarenplan plan voor spoorwegnet. Bron: Ministry of Railways. https://web.archive.org/web/20071005042122/http://www.china-mor.gov.cn/tllwjs/115small.jpg In het Twaalfde Vijfjarenplan (十二五规划 shi er wu guihua; 2011-2015; https://www.gov.cn/2011lh/content_1825838.htm ) wordt de koers van het Elfde Vijfjarenplan voortgezet, waaronder ook het verbinden van stadsagglomeraties en dichtbevolkte regio’s (zie ook het “Plan voor de middellange en lange termijn van het Spoorwegnet”) en het ontwikkelen van knooppunten binnen het spoorwegnet. Voor de corridor voor het steenkooltransport wordt de term “Drie Westen” (三西, san xi) geïntroduceerd, wat verwijst naar de drie provincies waar de steenkool wordt gedolven: Shanxi (山西), Shaanxi (陕西)en west-Binnen-Mongolië (西蒙). Een apart plan voor een geïntegreerd transportsysteem behorend bij het Twaalfde Vijfjarenplan (十二五综合交通运输体系规划 shi er wu zonghe jiaotong yunshu tixi guihua;https://www.ndrc.gov.cn/fggz/zcssfz/zcgh/201207/t20120723_1145674.html?code=& ) zet de doelstellingen verder gedetailleerd uiteen. Ook bij het Dertiende Vijfjarenplan (十三五规划 shi san wu guihua;2016-2020; https://www.gov.cn/xinwen/2016-03/17/content_5054992.htm (Chinese versie); https://en.ndrc.gov.cn/policies/202105/P020210527785800103339.pdf (Engelse versie)) wordt een apart plan voor de ontwikkeling van een geïntegreerd transportsysteem gepubliceerd (十三五 现代综合交通运输体系发展规划;国发〔2017〕11号 shi san wu xiandai zonghe jiaotong yunshu tixi fazhan guihua; guo fa [2017] 11 hao;https://www.gov.cn/zhengce/content/2017-02/28/content_5171345.htm ), waarin een verder geïntegreerd transportnet met 10 verticale corridors (zie Afbeelding 4) en 10 horizontale corridors (zie Afbeelding 5) wordt geïntroduceerd, inclusief een lijn naar Taipei (Taiwan). Dertiende Vijfjarenplan - 10 verticale corridors Kusttransportcorridor: Tongjiang, Jiamusi, Harbin, Changchun, Shenyang, Dalian, Qinhuangdao, Tianjin, Yantai, Qingdao, Lianyungang, Nantong, Shanghai, Ningbo, Fuzhou, Xiamen, Shantou, Guangzhou, Zhanjiang, Haikou, Fangchenggang, Sanya (blauwe lijn); Transportcorridor Beijing-Shanghai: Beijing, Tianjin, Jinan, Bengbu, Nanjing, Shanghai en een track naar Hangzhou (oranje lijn); Transportcorridor Beijing-Hong Kong/Macao/Taipei: Beijing, Hengshui, Heze, Shangqiu, Fuyang, Huanggang, Jiujiang, Nanchang, Ganzhou, Shenzhen, Hong Kong (Macau); een aparte track via Hefei, Huangshan, Fuzhou naar Taipei (paarse lijn); Transportcorridor Heihe-Hong Kong-Macao: Heihe, Qiqihar, Baicheng, Tongliao, Shenyang, Beijing, Shijiazhuang, Zhengzhou, Wuhan, Changsha, Guangzhou, Hong Kong (Macau) (lichtgroene lijn); Transportcorridor Erenhot-Zhanjiang: Erenhot, Jining, Datong, Taiyuan, Luoyang, Nanyang, Yichang, Huaihua, Guilin, Zhanjiang (bruine lijn); Transportcorridor Baotou-Fangchenggang: Baotou (Mandula), Yan'an, Xi'an, Chongqing, Guiyang, Nanning, Fangchenggang.(donkerpaarse lijn); Transportcorridor Linhe-Mohan: Linhe (Ganqimaodu), Yinchuan, Pingliang, Baoji, Chongqing, Kunming, naar Mohan en een track naar Hekou (middelgroene lijn); Transportcorridor Beijing-Kunming: Beijing, Zhangjiakou, Taiyuan, Xi'an, Chengdu (Chongqing), Kunming (gele lijn); Transportcorridor Ejina-Guangzhou: Ejina (Ceke), Jiuquan (Jiayuguan), Xining (Lanzhou), Chengdu, Luzhou (Yibin), Guiyang, Guilin, Guangzhou (donkerrode lijn); Transportcorridor Yantai-Chongqing: Yantai, Weifang, Jinan, Zhengzhou, Nanyang, Xiangyang, Chongqing (donkergroene lijn). Afbeelding 4. 10 verticale corridors 13e Vijfjarenplan. Dertiende Vijfjarenplan - 10 horizontale corridors Transportcorridor Suifenhe-Manzhouli: Suifenhe, Mudanjiang, Harbin, Daqing, Qiqihar, Hailar, Manzhouli (blauwe lijn); Transportcorridor Hunchun-Erenhot: Hunchun, Changchun, Tongliao, Xilinhot, Erenhot (donkerblauwe lijn); Noordwestelijke noordelijke transportcorridor: Tianjin (Tangshan, Qinhuangdao), Beijing, Hohhot, Linhe, Hami, Turpan, Korla, Kashgar, naar Torugat, naar Irkeshtam en naar Khunjerab; de westelijke track loopt van Hami, via Jiangjunmiao naar Altay (Jimunai) (lichtgroene lijn); Transportcorridor Qingdao-Lhasa: Qingdao, Jinan, Dezhou, Shijiazhuang, Taiyuan, Yinchuan, Lanzhou, Xining, Golmud, Lhasa (grijze lijn); Transportcorridor via landbrug: Lianyungang, Xuzhou, Zhengzhou, Xi'an, Lanzhou, Urumqi, Jinghe, naar Alashankou en naar Horgos (roodbruine lijn); Transportcorridor langs de rivier: Shanghai, Nanjing, Wuhu, Jiujiang, Wuhan, Yueyang, Chongqing, Chengdu, Nyingchi, Lhasa, Shigatse, naar Yadong en naar Zhangmu (oranje lijn); Transportcorridor Shanghai-Ruili: Shanghai (Ningbo), Hangzhou, Nanchang, Changsha, Guiyang, Kunming, Ruili (gele lijn); Transportcorridor Shantou-Kunming: Shantou, Guangzhou, Wuzhou, Nanning, Baise, Kunming (bruine lijn); Transportcorridor Fuzhou-Yinchuan: Fuzhou, Nanchang, Jiujiang, Wuhan, Xiangyang, Xi'an, Qingyang, Yinchuan (roze lijn); Transportcorridor Xiamen-Kashgar: Xiamen, Ganzhou, Changsha, Chongqing, Chengdu, Golmud, Ruoqiang, Kashgar (donkergroene lijn). Afbeelding 5. 10 horizontale corridors 13e Vijfjarenplan. Dit 10-horiziontaal en10-verticaal-netwerk vormt de basis voor de langere termijn planning van het 8-horizontaal en 8-verticaal netwerk van het Plan (2016). Er is dan ook aanzienlijke overlap, vooral op knooppunten, zoals Beijing, Shanghai, Guangzhou/Hong Kong en Chongqing/Chengdu. De 10 verticale corridors concentreren zich op de stedelijke gebieden met een focus op oost-China, terwijl de 10 horizontale corridors wat verder naar het westen reiken en meer gericht zijn op goederentransport. In vergelijking met de 8-horizontaal en 8-verticaal zijn er meer stations toegevoegd aan de lijnen. Veertiende Vijfjarenplan Het Veertiende Vijfjarenplan (十四五规划 shi si wu guihua ; 2021-2025;Engelse versie ) focust op meer efficiëntie binnen het geïntegreerde vervoerssysteem, het integreren van vervoer in stadsagglomeraties (zie ook “Planning van spoorwegvervoer op meerdere niveaus in de Yangtze-rivierdeltaregio”, 长江三角洲地区多层次轨道交通规划 ,changjiang sanjiaozhou diqu duocengci guidao jiaotong guihua, 2021) en meer spoorwegverbindingen langs de grens en met buurlanden. Het geïntegreerde vervoerssysteem bestaat nu uit de 10 horizontale en 10 verticale corridors als basis, ondersteund door transportknooppunten, het hogesnelheidsnet, het netwerk van hoofdlijnen en het basisnetwerk. Sommige knooppunten moeten gaan fungeren als internationale toegangspoort en verbonden worden met havenknooppunten voor een beter distributienetwerk. Een verdere uitwerking is te vinden in het 14th Five-Year Plan for the Development of Modern Comprehensive Transportation System ( “十四五”现代综合交通运输体系发展规划 , shi si wu xiandai zonghe jiaotong yunshu tixi fazhan guihua, dec. 2021) en de Outline of the National Comprehensive Three-Dimensional Transportation Network Planning (国家综合立体交通网规划纲要, guojia zonghe liti jiaotongwang guihua gangyao, febr. 2021). Er is sprake van een aanpak op basis van het nieuwe concept “6 hoofdassen, 7 gangen en 8 corridors” (“6轴, 7廊,8 通道”, liu zhou, qi lang, ba tongdao) als raamwerk voor het toekomstige geïntegreerde vervoerssysteem (zie Tabel 1). De 6 hoofdassen versterken de onderlinge verbinding tussen de vier polen Beijing-Tianjin-Hebei, de Yangtze Delta, de Greater Bay Area van Guangdong-Hongkong-Macau en de economische zone van Chengdu-Chongqing (de rode lijnen in Afbeelding 6), verbinden noord met zuid en bevorderen de regionale ontwikkeling in het oosten van China. De 7 gangen versterken de verbindingen tussen de vier polen en breiden het netwerk verder uit (blauwe lijnen). De 8 corridors (gele lijnen) versterken de aansluitingen tussen de hoofdassen en gangen en verbinden met belangrijke havens. Ook lopen de corridors langs de grens en in het midden, westen en noordoosten van het land en vergroten daar de dekking van het verkeersnetwerk. Verdere integratie van het netwerk met nieuwe, beter gecoördineerde en efficiëntere verbindingen (bijv. met havens en belangrijke knooppunten), een geïntegreerd knooppuntensysteem voor transport in de kerngebieden van de 6 hoofdassen en een sterke afstemming tussen land-, water- en luchttransport staan op het programma voor 2021-2025. Afbeelding 6. Uitgebreid 3D raamwerk van nationale verkeersnet. Bron: Outline of the National Comprehensive Three-Dimensional Transportation Network Planning(国家综合立体交通网规划纲要, 2021; https://www.gov.cn/zhengce/2021-02/24/content_5588654.htm ). Gekleurde versie: http://www.auto58.com/news/class1/1081.html 14e Vijfjarenplan – raamwerk nationale driedimensionale transportnetwerk De 6 hoofdassen: Beijing-Tianjin-Hebei naar Yangtze rivierdelta Beijing-Tianjin-Hebei naar Guangdong-Hongkong-Macao Beijing-Tianjin-Hebei naar Chengdu-Chongqing Yangtze rivierdelta naar Guangdong-Hongkong-Macao Yangtze rivierdelta naar Chengdu-Chongqing Guangdong-Hongkong-Macao naar Chengdu-Chongqing. De 7 gangen: Beijing-Harbin:Route 1: Beijing, Shenyang, Changchun, Harbin. Route 2: Beijing, Chengde, Shenyang, Changchun, Harbin. Zijlijn 1: Shenyang, Dalian, Qingdao. Zijlijn 2: Shenyang, Dandong. Beijing-Tibet:Route 1: Beijing-Hohhot, Baotou, Yinchuan, Lanzhou, Golmud, Lhasa, Yadong. Zijlijn: Qinghuangdao, Datong Ordos. Route 2: Qingdao, Jinan, Shijiazhuang, Taiyuan, Yinchuan, Xining, Lhasa. Zijlijn: Huanghua, Xinzhou, Baotou. Grote Landbrug:Route 1: Lianyungang, Zhengzhou, Xi’an, Xining, Urumuqi, Khorgas/Alashankou. Route 2: Shanghai, Nanjing, Hefei, Nanyang, Xi’an. Zijlijn: Nanjing, Pingdingshan, Luoyang. Westelijke Land-Zee:3 routes: 1. Chongqing, Guiyang, Nanning, Beibu Golf haven; 2. Chongqing, Huaihua, Liuzhou, Beibu Golf haven; 3. Chengdu, Luzhou (Yibin), Baise, Beibu Golf haven. Shanghai-Kunming: route 1: Shanghai, Hangzhou, Shangrao, Nanchang, Changsha, Huaihua, Guiyang, Kunming, Ruili. Route 2: Shanghai, Hangzhou, Jingdezhen, Nanchang, Changshi, Jishou, Zunyi, Kunming. Chengdu-Chongqing: Route 1: Chengdu, Panzhihua, Kunming naar Mohan/Hekou. Route 2: Chongqing, Zhaotong, Kunming. Guangdong-Kunming: Route 1: Shenzhen, Guangzhou, Wuzhou, Nanning, Xingyi, Kunming naar Ruili. Route 2: Shenzhen, Zhanjiang, Nanning, Wenshan, Kunming. De 8 corridors: Suifenhe-Manzhouli:Suifenhe, Harbin, Manzhouli. Zijlijn 1: Harbin-Tongjiang; zijlijn 2: Harbin-Heihe. Beijing-Yan’an: Beijing, Chengde, Tongliao, Changchun, Hunchun. Langs de grens: Heihe, Qiqihar, Ulanhot, Hohhot, Linhe, Hami, Urumuqi, Korla, Kashgar, Ali, Lhasa. Zijlijn 1: Kashgar, Khunjerab. Zijlijn 2: Kashagar, Torugat. Fuzhou-Yinchuan: Fuzhou, Nanchang, Wuhan, Xi’an, Yinchuan. Zijlijn: Xi’an, Yan’an, Baotou. Erenhot-Zhanjiang: Erenhot, Datong, Taiyuan, Luoyang, Nanyang, Yichang, Huaihua, Guilin, Zhanjiang. Sichuan-Tibet: Chengdu, Linzhi/Nyingchi, Zhangmu. Hunan-Guangxi: Changsha, Guilin, Nanning, Pingxiang. Xiamen-Chengdu: Xiamen, Ganzhou, Changsha, Qianjiang, Chongqing, Chengdu. 15e Vijfjarenplan (2026-2030) De focus ligt op verdere integratie tussen de regio's, de bouw van de New Western Land-Sea Corridor en afronding van het nationale netwerk van snelwegen. Ook is er aandacht voor de verdere ontwikkeling van het reguliere spoorwegnet en wegennet in de westelijke regio's en grensgebieden. Ontwikkeling hogesnelheidslijnen In 2004 nam de Staatsraad (国务院Guowuyuan) het “Plan voor de Middellange en Lange termijn van het Spoorwegnet” (中长期铁路网规划zhongchangqi tieluwang guihua; hierna: ‘het Plan’; korte introductie door National Development and Reform Commission ) aan, dat in 2008 en 2016 zou worden aangepast. Het Plan is gelinkt aan de doelstellingen en opzet van het 10e Vijfjarenplan (2001-2005), dat ook het belang benadrukt van het ontwikkelen van de infrastructuur, met name in de minder ontwikkelde gebieden in het westen van het land. Het Plan gaat specifiek over de ontwikkeling van een netwerk van hogesnelheidslijnen op de langere termijn en schetst een strategische indeling van de infrastructuur, welke verder wordt ingevuld door de opeenvolgende Vijfjarenplannen. De versie van 2004 van het Plan voorziet o.a. in een verbetering van regionale verbindingen tussen verschillende steden (intercities) in drie economisch sterk ontwikkelde en dichtbevolkte regio’s: de Bohai Rim regio, de Yangtze rivierdelta en de Parelrivierdelta (zie Afbeelding 7). Afbeelding 7. Bohai Rim regio, Yangtze rivierdelta en Parelrivierdelta (2004). In de aangepaste versie van 2008 (中长期铁路网规划(2008 年调整, zhongchangqi tieluwang guihua, 2008 tiaozheng) zijn daar enkele dichtbevolkte regio’s bijgekomen, voornamelijk in centraal China: de Changsha-Zhuzhou-Xiangtan intercitylijn in Hunan, een verbinding tussen Chengdu en Chongqing, de stadsagglomeraties op de Central Vlakten in Henan, de regio rondom Wuhan, de Guanzhong stadsagglomeratie in Shaanxi en de stadsagglomeratie aan de westkust van de Straat van Taiwan (zie Afbeelding 8). Afbeelding 8. Verbinden van ontwikkelde regio’s (2008). Verder noemt het Plan een uitbreiding van zowel de internationale verbindingen met de westelijke buurlanden (waaronder Vietnam, Laos, Birma, Kirgizië en Oezbekistan) als het reguliere spoorwegnet in het westen van China (ten westen van Chongqing) en de aanleg van aparte spoorlijnen voor goederenvervoer (o.a. voor kolentransport van west Binnen-Mongolië naar centraal China), hetgeen past in het grotere plaatje van de internationale vervoerscorridors van de Belt and Road Initiative (BRI). Het Plan betreft in feite een eerste opzet voor het bouwen van een nationaal spoorwegnet met 4 verticale en 4 horizontale hogesnelheidslijnen voor personenvervoer (zie Afbeelding 9). Afbeelding 9. Vier horizontale en vier verticale hogesnelheidslijnen (2004). De vier verticale hogesnelheidslijnen liggen voornamelijk in het oosten van het land: Beijing – Shanghai: verbindt de oostelijke kuststrook met economisch ontwikkeld gebied (paarse lijn op de kaart). Beijing – Wuhan – Guangzhou - Shenzhen: een noord-zuid verbinding door het binnenland (oranje lijn). Beijing – Shenyang - Harbin: een noordoostelijke verbinding (gele lijn). Hangzhou – Ningbo – Fuzhou – Shenzhen: verbindt de Yangtze rivierdelta met de Parelrivierdelta (donkerrode lijn). Ook de vier horizontale hogesnelheidslijnen concentreren zich op het oostelijke, centrale deel van het land. Ze zijn grofweg verdeeld tussen Beijing en Fuzhou en gaan niet verder oostwaarts dan Lanzhou: Xuzhou – Zhengzhou – Lanzhou (lichtgroene lijn); Hangzhou – Nanchang – Changsha (donkergroene lijn); Qingdao – Shijiazhuang – Taiyuan (grijze lijn); Nanjing – Wuhan – Chongqing (bruine lijn). Knooppunten zijn Beijing, Wuhan en Shenzhen. In het zuiden is de Parelrivierdelta - het gebied rond o.a. Guangzhou, Shenzhen en Foshan - economisch sterk ontwikkeld en dichtbevolkt en in het oosten is dit het gebied rondom Shanghai – de Yangtze rivierdelta. In de gewijzigde versie van het Plan in 2008 werden er extra stations aan verschillende hogesnelheidslijnen toegevoegd: 4 verticaal Beijing-Shanghai: in 2008 kwamen op dit traject de stations Bengbu, Hefei, Nanjing en Hangzhou erbij. Beijing, Wuhan, Guangzhou, Shenzhen: geen nieuwe stations. Beijing, Shenyang, Harbin (Dalian): Jinzhou en Yingzhou toegevoegd. Hangzhou, Ningbo, Fuzhou, Shenzhen: uitgebreid met Shanghai . 4 horizontaal (2008) Xuzhou, Zhengzhou, Lanzhou: geen stations toegevoegd. Hangzhou, Nanchang, Changsha: de stations Guiyang en Kunming toegevoegd. Qingdao, Shijiazhuang, Taiyuan: geen stations toegevoegd. Nanjing, Wuhan, Chongqing, Chengdu: geen stations toegevoegd. In 2016 werd het Plan herzien en uitgebreid. Er was nu sprake van “8 horizontaal, 8 verticaal” , een verdubbeling van het aantal hogesnelheidslijnen. De acht verticale hogesnelheidslijnen (zie Afbeelding 10) zijn: De route langs de oostkust: van Dalian via o.a. Tianjin, Qingdao, Nantong, Shanghai, Ningbo, Fuzhou, Xiamen, Shenzhen en Zhanjiang naar Beihai). Beijing-Shanghai lijn: Beijing – Tianjin – Jinan – Nanjing – Shanghai en de verbindingen Nanjing-Hangzhou en Bengbu-Hefei-Hangzhou. Verbindt grote agglomeraties in het noord-noordoosten in de Beijing-Tianjin-Hebei regio met de Yangtze rivierdelta. Beijing-Hong Kong lijn: van Beijing naar Hong Kong via Heze, Hefei, Nanchang en Shenzhen; verbindt het Beijing-Tianjin-Hebei-gebied met het centrum van het Yangtze-gebied en met de Parelrivierdelta. Harbin – Beijing-Hong Kong-Macau lijn. Van Harbin naar Hong Kong via Changchun, Shenyang, Beijing, Shijiazhuang, Zhengzhou, Wuhan, Changsha, Guangzhou en Shenzhen met een aparte lijn van Guangzhou naar Macao via Zhuhai. Hohhot-Nanning lijn: van Hohhot via Datong, Taiyuan, Zhengzhou, Guilin naar Nanning; verbindt grote agglomeraties in midden-China van noord naar zuid. Beijing-Kunming lijn: van Beijing via Shijiazhuang, Taiyuan, Xi’An, Chengdu naar Kunming; verbindt agglomeraties in zuidwest en midden China met noord-China. Baotou-Haikou lijn: van Baotou via Yan’an, Xi’an, Chongqing, Guiyang, Nanning, Zhanjiang naar Haikou. Verbindt het noordwesten met het zuidwesten en zuiden. Lanzhou-Guangzhou lijn: van Lanzhou via Chengdu, Guiyang naar Guangzhou. Afbeelding 10. De acht verticale hogesnelheidslijnen (2016) De acht horizontale hogesnelheidslijnen (zie Afbeelding 11) zijn: Suifenhe-Manzhouli lijn: van Suifenhe, via Mudanjiang, Harbin, Qiqihar, Hailar naar Manzhouli. Verbindt Heilongjiang met Binnen-Mongolië in het verre noordoosten van China (blauwe route op de kaart). Beijing-Lanzhou lijn: van Beijing via Hohhot en Yinchuan naar Lanzhou (gele route). Verbindt Beijing met de provincies Binnen-Mongolië, Ningxia en Gansu. Qingdao-Yinchuan lijn: van Qingdao via Jinan, Shijiazhuang, Taiyuan naar Yinchuan (lichtpaarse route). Verbindt de provincies Shandong, Hebei, Shanxi en Ningxia met elkaar. Landbrug lijn: van Lianyungang via Xuzhou, Zhengzhou, Xi’An, Lanzhou, Xining naar Urumuqi (groene route). Verbindt de provincies Jiangsu, Henan, Shaanxi, Gansu, Qinghai en Xinjiang met elkaar. ‘Langs de Gele Rivier’ lijn: van Shanghai via Nanjing, Hefei, Wuhan, Chongqing naar Chengdu (donkerpaarse route). Verbindt de provincies Jiangsu, Anhui, Hubei, Chongqing en Sichuan met elkaar. Shanghai-Kunming lijn: van Shanghai via Hangzhou, Nanchang, Changsha, Guiyang naar Kunming (roze route). Verbindt de provincies Jiangsu, Jiangxi, Hunan, Guizhou en Yunnan met elkaar. Xiamen-Chongqing lijn: van Xiamen via Longyan, Ganzhou, Changsha, Changde, Zhangjiajie, Qianjiang naar Chongqing (oranje route). Verbindt de provincies Fujian, Jiangxi, Hunan en Chongqing met elkaar. Guangzhou-Kunming lijn: van Guangzhou via Nanning naar Kunming (bruine route). Verbindt de provincies Guangdong, Guangxi en Yunnan met elkaar. Afbeelding 11. Acht horizontale hogesnelheidslijnen (2016). Bij zowel de verticale als de horizontale hogesnelheidslijnen zien we een uitbreiding in westelijke richting en toenemende integratie van het netwerk met meer stations en verbindingspunten tussen de lijnen. China’s hogesnelheidstreinen Rond 2004 riep China de hulp in van buitenlandse technologie voor de ontwikkeling van haar eigen hogesnelheidstreinen (hierna “HST”). De eerste Chinese elektrische HST, bestaand uit meerdere treinstellen (in het Engels Electric Multiple Unit , afgekort “EMU”), werden gemaakt in samenwerking met Duitsland (Siemens), Frankrijk (Alstom), Canada (Bombardier) en Japan ( Kawasaki). China liet zich inspireren door de Duitse Intercity Express (ICE ), de Franse TGV en de Japanse Shinkansen . Bombardier valt sinds 2021 onder Alstom en leverde voornamelijk de technologie voor de HST. In de samenwerkingsverbanden met de Chinese bedrijven dienden de buitenlandse bedrijven alle relevante technologie overdragen aan de Chinese partner, zodat China vervolgens zelfstandig de treinen verder kon ontwikkelen. Na het verkrijgen van de noodzakelijke technologie, werd in het “Nationale Middellange en Langetermijn Programma voor Wetenschappelijke en Technologische Ontwikkeling (2006-2020)” 国家中长期科学和技术发展规划纲要(2006-2020年)guojia zhongchangqi kexue he jishu fazhan guihua gangyao (2006-2020 nian)) de ontwikkeling van de HST genoemd: “Priorities will be given to research on and development of key technologies for high speed rail transport control and speed regulation systems, locomotive building, rail line construction, and system integration in order to acquire set technologies. Carry out operation tests so as to master technologies for operation control, rail line construction, and system integration”. In 2008 was de ondertekening van een Gezamenlijk Actieplan door het Ministerie van Wetenschap en het Ministerie van Spoorwegen (中国高速列车自主创新联合行动计划合作协议) het startpunt voor onderzoek voor het ontwikkelen van een treinsysteem dat snelheden van 350 km/u tot 500 km/u aankon door meer dan 80 vooraanstaande Chinese universiteiten en onderzoeksinstituten. Ook het “863 Plan” (National High-tech Research Development Plan , 国家高技术研究发展计划) speelde een rol bij de ontwikkeling van de HST. Dit initiatief stamt al uit 1986, maar was vanaf 2001 gericht op het zelfstandig ontwikkelen van geavanceerde technologieën om China onafhankelijk van het buitenland te maken. In 2016 werd het 863 plan opgenomen in het National Key R&D Program (国家重点研发计划) met als focus het ontwikkelen van technologie om treinsnelheden van boven de 400 km/u te bereiken. Hogesnelheidstreinen rijden minimaal 200 kilometer per uur. China’s eerste HST begonnen rond 2008 te rijden op het traject Beijing-Shanghai. Om snelheden te maken boven 200 kilometer per uur op het netwerk, waren een aantal snelheid verhogende rondes nodig, waar al voor 2004 mee was begonnen. Na de eerste ronde in 1997 werd de maximumsnelheid 140 km/u, na de tweede ronde een jaar later werd dit 160 km/u en met de zesde snelheidsverhoging in 2007 werd 200 km/u bereikt. Treinen die waren ontwikkeld op basis van buitenlandse designs en technologie kregen de merknaam Harmony (和谐号 Hexie hao) en werden ingezet als intercities in de China Railway High-speed dienstverlening (CRH; 中国铁路高速). Deze treinstellen, bijvoorbeeld de CRH1 (gemaakt door Qingdao Sifang-Bombardier-Power ), de CRH2 (gebaseerd op de Japanse Shinkansen ) (zie Afbeelding 12 ), de CRH3 (gebaseerd op de Duitse ICE en mede vervaardigd door het Duitse Siemens) , de CRH5 (geleverd door Alstom) en CRH6 (intercitytreinen), werden tussen 2010 en 2013 geïntroduceerd. De CRH380 treinen halen maximaal 380 kim/u en zijn daarmee de snelste treinen uit de Harmony -serie. Afbeelding 12. De CRH2 EMU Het serienummer van de Harmony treinen (muv de 380-serie) is als volgt opgebouwd: CRH ( China Railway High-speed ) Getal dat de versie aangeeft. Letter die aangeeft uit hoeveel treinstellen de trein bestaat (A=8; B=16). Bij de CRH380 serie geeft de letter A aan dat de trein uit 8 treinstellen bestaat en bij AL 16 treinstellen (L=Long). Vanaf 2017 werden de volledig in China ontworpen en vervaardigde Fuxing EMU -treinen in gebruik genomen (复兴号Fuxing hao, hetgeen “verjonging” betekent). Er bestaan inmiddels ruim 20 verschillende types met snelheden van 200 km/u (CR200 groep), 300 km/u (CR300 groep) en 350 km/u (CR400 groep, zie Afbeelding 13) en deze treinen zullen de Harmony treinen geleidelijk aan gaan vervangen. In 2025 werd het nieuwste type de CR450 (CR450AF en CR450BF), getest die 400 km/u haalt (zie Afbeelding 14) (https://www.globaltimes.cn/page/202501/1326135.shtml ). Afbeelding 13. De CR400BF-C rijdt zonder machinist Het serienummer van de Fuxing treinen is opgebouwd als volgt: CR ( China Railway ) getal dat de maximale snelheid aangeeft (200, 300 of 400). letter die de fabrikant aangeeft: A=CRRC Qingdao Sifang en B= Changchun Railway Vehicles ). Dit ontbreekt bij de CR200 serie. letter die de wijze van voortstuwing/aandrijving aangeeft: F staat voor verspreide aandrijving (fensan) en J staat voor geconcentreerde aandrijving (jizhong). De aandrijving kan op twee manieren zijn geregeld: verspreid over verschillende rijtuigen (standaard) danwel geconcentreerd in één locomotief of in twee locomotieven aan beide uiteinden van de trein. Subcategorie: extra letter die het aantal treinstellen aangeeft (-A = 16 treinstellen; -B = 17 treinstellen) of dat de trein bestand is tegen extreme weersomstandigheden (-G = bestand tegen strenge weersomstandigheden, zoals zandstorm en extreme kou tot -40°C; –Z = speciaal ontworpen binnen- en buitenkant). –C staat voor een intelligente train die met automatische technologie, zonder machinist rijdt. Indien er geen letter is toegevoegd, bestaat de trein uit 8 treinstellen. Afbeelding 14. De CR450AF in Beijing. Bron: https://english.www.gov.cn/news/202412/29/content_WS6770e6d6c6d0868f4e8ee5b8.html Naast de Harmony en Fuxing treinen, wordt uitsluitend op de Guangzhou-Shenzhen-Hong Kong Express Rail Line het treinmodel Vibrant Express (动感号 Dongghan hao) gebruikt. Deze HST worden geëxploiteerd door MTR in Hong Kong en zijn gemaakt door CRRC Qingdao Sifang. Chinese hogesnelheidstreinen zijn onderverdeeld in letters, die aangeven hoe snel ze zijn: G-treinen (gaotie) zijn de Fuxing HST met snelheden van 350 km/u. D-treinen (dongche) rijden op rails die ook gebruikt worden door treinen met conventionele snelheid en zijn derhalve wat langzamer dan de G-treinen, met maxima van 250 km/u. C-treinen (chengji dongche) zjin intercity treinen die maximaal 200 km/u halen. Vijfjarenplannen en ontwikkeling hogesnelheidslijnen In het Twaalfde Vijfjarenplan (2011-2015) wordt de ontwikkeling van de hogesnelheidslijnen voor het eerst genoemd met een verwijzing naar de “4 verticale en 4 horizontale passagierslijnen” (zie Figuur 8), zoals toegelicht en verder uitgewerkt in het Plan (2004). De term kuai su tielu (快速铁路) oftewel ‘snelle spoorlijnen’ wordt hier tijdelijk gehanteerd, terwijl vanaf het Dertiende Vijfjarenplan de nieuwe term gao su tielu (高速铁路, afgekort gaotie 高铁) ‘hogesnelheidslijnen’ wordt gebruikt. Op de planning staat o.a. het verbinden en verlengen van de 4 verticale en 4 horizontale lijnen, het bouwen van regionale verbindingslijnen en het uitbreiden van het netwerk van snelle spoorlijnen, o.a. met interregionale hoofdlijnen. Vergeleken met de oorspronkelijke planning zijn er veel wijzigingen aangebracht en sommige trajecten zijn aangepast of pas in het volgende Vijfjarenplan uitgevoerd. De lijnen Beijing-Shenyang (deeltraject Beijing-Harbin) en Beijing- Hohhot zijn conform plan uitgevoerd, maar bijvoorbeeld de zijlijn Harbin-Jiamusi is Harbin-Mudanjiang geworden (Jiamusi en Mudanjiang worden in de volgende fase verbonden) en er is gekozen voor een aantal nieuwe routes, zoals Datong-Zhangjiakou, Shijiazhuang-Jinan en Jinan-Qingdao. De planning richtte zich voornamelijk op het oosten en noordoosten. Het netwerk werd uitgebreid met nieuwe lijnen en extra tussenstops. In het Dertiende Vijfjarenplan (2016-2020) wordt het netwerk verder ingevuld met verbindingslijnen, uitbreidingen en extra stops (zie Figuur 8), waarmee wordt toegewerkt naar het ‘8 verticaal en 8 horizontaal netwerk’. De kuststeden Qingdao en Lianyungang worden opgenomen in het netwerk en uitbreiding vindt plaats in het noorden en noordoosten. Deze aanpak wordt voortgezet in de nieuwe planning. In het Veertiende Vijfjarenplan (2021-2025) is sprake van een hoofdnetwerk van 8 verticale en 8 horizontale hogesnelheidslijnen (geïntroduceerd met het Plan (2016), verbonden met regionale hogesnelheidslijnen en aangevuld met intercitylijnen. De hoofdlijnen worden doorgetrokken en met elkaar verbonden en er worden meer steden opgenomen in het netwerk. Het netwerk wordt verder geïntegreerd met andere vervoersmethoden tot een ‘nationaal uitgebreid driedimensionaal transportnetwerk’(国家综合立体交通网主骨架)met een snelheidsnorm van 250 km/u. Het Vijftiende Vijfjarenplan (2026-2030) geeft aan dat naar verwachting de 8 verticale en 8 horizontale hoofdlijnen aan het eind van deze fase volledig zullen zijn voltooid. Statistieken ontwikkeling hogesnelheidslijnen Van 2010 tot 2015 groeide het hogesnelheidsnetwerk van 5.100 km naar 19.000 km, voornamelijk in steden met een permanente bevolking van meer dan 1 miljoen. Het doel voor 2020 was om een totale lengte van 30.000 km te halen. Er werd 38.000 km gerealiseerd, een duidelijke indicatie van het belang dat de Chinese overheid hecht aan de ontwikkeling van de hogesnelheidslijnen. Het percentage spoor dat van enkel naar dubbel spoor werd uitgebreid, ging van 50% (2014) naar 60% (2024), i.e. van 37.000 km (2010 ) naar 105.000 km (2024). De elektrificatie van het spoorwegnet nam toe van 46% (2010) naar 75% (2024). In 2025 is de doelstelling uit het 14e Vijfjarenplan voor de hogesnelheidslijnen gehaald met 50.000 km. Het streven voor 2030 is een totale lengte van 60.000 km. Tabel 1 geeft de groei van het nationale spoorwegnet en de hogesnelheidslijnen van 2010-2024 weer op basis van statistieken van de NRA: van 5.100 km spoor in 2010 naar 50.000 km voor 2025. Tabel 1. Bouw nationale spoorwegnet en hogesnelheidslijnen 2010-2025.Bron: statistieken NRA, https://www.mot.gov.cn/tongjishuju/tielu/ . Bronnen Overheidsinstanties: Ministry of Railways (铁道部MOR; http://www.china-mor.gov.cn/ ) Ministry of Transport (Statistieken). https://www.mot.gov.cn/tongjishuju/tielu/ National Railway Administration (NRA) (国家铁路局,NRA; www.nra.gov.cn ). China Railway Corporation (中国铁路总公司 , CRC; http://www.china-railway.com.cn/ ); Vijfjarenplannen: Negende Vijfjarenplan: https://www.gov.cn/gongbao/shuju/1996/gwyb199607.pdf (CN) Tiende Vijfjarenplan: https://www.gov.cn/gongbao/content/2001/content_60699.htm , (CN) Elfde Vijfjarenplan: https://www.gov.cn/gongbao/content/2006/content_268766.htm (CN) Twaalfde Vijfjarenplan: https://www.gov.cn/2011lh/content_1825838.htm (CN) Dertiende Vijfjarenplan: https://www.gov.cn/xinwen/2016-03/17/content_5054992.htm (CN); https://en.ndrc.gov.cn/policies/202105/P020210527785800103339.pdf (ENG) https://xxgk.mot.gov.cn/2020/jigou/zhghs/202006/t20200630_3320014.html Veertiende Vijfjarenplan: https://www.gov.cn/xinwen/2021-03/13/content_5592681.htm (CN) https://www.fujian.gov.cn/english/news/202108/t20210809_5665713.htm (ENG) Vijftiende Vijfjarenplan: https://www.ndrc.gov.cn/fggz/fzzlgh/gjfzgh/202603/U020260317369114704096.pdf (CN) Verkeersplannen: Tiende Vijfjarenplan: 国家计委关于印发国民经济和社会发展, 第十个五年计划综合交通体系发展重点专项规划的通知计规划〔2001〕710号https://www.gov.cn/gongbao/content/2002/content_61816.htm Twaalfde Vijfjarenplan: “十二五”综合交通运输体系规划 https://www.ndrc.gov.cn/fggz/zcssfz/zcgh/201207/t20120723_1145674.html?code=& Dertiende Vijfjarenplan: “十三五”现代综合交通运输体系发展规划https://www.gov.cn/zhengce/content/2017-02/28/content_5171345.htm Veertiende Vijfjarenplan: “十四五”现代综合交通运输体系发展规划https://xxgk.mot.gov.cn/2020/jigou/zhghs/202201/t20220119_3637245.html Overheidsdocumenten/plannen: Planning van spoorwegvervoer op meerdere niveaus in de Yangtze-rivierdeltaregio, (长江三角洲地区多层次轨道交通规划): https://www.ndrc.gov.cn/xwdt/tzgg/202107/t20210702_1285353.html Outline of the National Comprehensive Three-Dimensional Transportation Network Planning, februari 2021 (国家综合立体交通网规划纲要): https://www.gov.cn/zhengce/2021-02/24/content_5588654.htm , Plan voor de Middellange en Lange termijn van het Spoorwegnet (中长期铁路网规划 (2004); https://www.ndrc.gov.cn/fggz/fzzlgh/gjjzxgh/200806/P020191104623823270325.pdf Gewijzigde versie Plan 2008 : 中长期铁路网规划(2008 年调整) https://www.ndrc.gov.cn/xxgk/zcfb/qt/200906/W020190905544996836255.pdf Gewijzigde versie Plan 2016: https://www.gov.cn/xinwen/2016-07/20/5093165/files/1ebe946db2aa47248b799a1deed88144.pdf Geschiedenis Chinese spoor: https://web.archive.org/web/20050601003027/http://www.china-mor.gov.cn/tdgk/tdgk_2003_2.html (CN) Middellange- en langetermijnontwikkelingsplan voor het geïntegreerde transportnetwerk (2007): 综合交通网中长期发展规划 https://www.ndrc.gov.cn/xxgk/zcfb/ghwb/200906/W020190905497521610436.pdf Nationale Middellange en Langetermijn Programma voor Wetenschappelijke en Technologische Ontwikkeling (2006-2020): 国家中长期科学和技术发展规划纲要(2006-2020年)https://www.gov.cn/gongbao/content/2006/content_240244.htm National Key R&D Program (国家重点研发计划; https://www.gov.cn/zhengce/zhengceku/202404/content_6947028.htm National High-tech Research Development Plan (863 Plan), 国家高技术研究发展计划) https://web.archive.org/web/20220619161640/https://www.most.gov.cn/ztzl/swkjjh/kjjhjj/200610/t20061021_36375.html Zienswijze van het Ministerie van Transport, de Nationale Spoorwegadministratie, de Burgerluchtvaartadministratie van China en het Staatspostbureau over het versnellen van de bouw van het hoofdraamwerk van het nationale, uitgebreide driedimensionale transportnetwerk: 交通运输部 国家铁路局 中国民用航空局 国家邮政局关于加快建设国家综合立体交通网主骨架的意见 https://xxgk.mot.gov.cn/2020/jigou/zhghs/202210/t20221021_3698097.html Gezamenlijk Actieplan (2008), Ministerie van Wetenschap en het Ministerie van Spoorwegen (中国高速列车自主创新联合行动计划合作协议, https://www.gov.cn/gzdt/2008-02/29/content_905588.htm

  • China conflict Pinnacle Eilanden | Diaoyu/Senkaku eilanden, olie, Chinese en Japanse claim, internationaal recht, terra nullius, eigendomstitel

    Conflict tussen China en Japan over de Pinnacle Eilanden (Senkaku/Diaoyu eilanden). Beide landen claimen de eigendomstitel van deze eilandengroep waar veel olie in de zeebodem is gevonden. Hierbij worden historische begrippen zoals terra nullius, eigendomstitel en effectieve controle ingezet. China vs Japan en de Pinnacle eilanden Conflict over de Senkaku / Diaoyu / Pinnacle Eilanden Waarom maken Japan en China al sinds 1970 ruzie over een onbeduidend groepje eilanden in de Oost-Chinese zee? Het gaat om een groep van acht onbewoonde eilandjes/rotsen gelegen tussen Taiwan en Japan, 330 kilometer verwijderd van de Chinese kust en 170 kilometer van Japan (zie Afbeelding 1). De Japanners noemen de eilandengroep de Senkaku eilanden, in het Chinees worden ze de Diaoyu eilanden genoemd en de Engelse naam ervoor is de Pinnacle eilanden. Afbeelding 1. Locatie van de Senkaku Eilanden Bron: https://www.city.ishigaki.okinawa.jp/material/files/group/9/senkaku(engrish).pdf In 1969 werd een rapport van de Economische Commissie voor Azië en het Verre Oosten (ECAFE) van de Verenigde Naties gepubliceerd. Daarin stond dat er zich enorme olie- en gasvoorraden in de zeebodem tussen Japan en Taiwan bevinden. Dat maakte het gebied ineens heel interessant voor zowel China als Japan en beide landen begonnen vanaf 1971 de eilandengroep publiekelijk te claimen. Chinese claim China’s claim op de Pinnacle Eilanden dateert uit 1971, toen het Ministerie van Buitenlandse Zaken protesteerde tegen de Okinawa Reversion Statement en de eilanden opeiste. De onderbouwing van de Chinese claim is uitgelegd in een White Paper uit 2012 en draait om het begrip “historische titel”. Oude Chinese reisverslagen uit de 16e eeuw van keizerlijke gezanten die naar het koninkrijk Riukiu voeren (tegenwoordig vallen deze eilanden onder de Japanse prefecturen Okinawa en Kagoshima) om een nieuwe koning te kronen, vermelden dat ze onderweg langs de Pinnacle eilanden kwamen. Het koninkrijk Riukiu betaalde als vazalstaat tribuut aan China. Ook bestaan er oude Chinese kaarten waarop de Pinnacle Eilanden staan weergegeven met Chinese namen. Dit geeft aan dat de Chinezen bekend waren met de eilanden. Toen Japan in 1879 het koninkrijk Riukiu annexeerde, stopten de reizen van de Chinese gezanten en raakte de vaarroute in de vergetelheid bij de Chinezen. Verder verwijst China naar het Verdrag van Shimonoseki van 1895 tussen Japan en China. Japan had China verslagen in de Eerste Chinees-Japanse Oorlog en China moest volgens het Verdrag gebieden afstaan aan Japan, waaronder het eiland Formosa (het huidige Taiwan) en alle bijbehorende eilanden. China is van mening dat de Pinnacle Eilanden behoren bij Taiwan. Toen Japan zich overgaf aan het eind van de Tweede Wereldoorlog, moest Tokio volgens de Cairo Verklaring (1943) alle gebieden die het van China had gestolen, zoals Formosa, teruggeven aan China. De Chinese uitleg is dat hiermee ook de Pinnacle eilanden weer terug bij China kwamen na het Verdrag van Shimonoseki. Vanaf 1951 namen de Amerikanen met het Verdrag van San Francisco het administratieve bestuur van het gebied waarin de Pinnacle Eilanden lagen over van Japan ( trusteeship ). Deze situatie eindigde in 1971 met de Okinawa Reversion Agreement , toen Japan weer volledig bestuur kreeg over het gebied. De Chinezen waren boos dat ze niet bij het opstellen van het Verdrag van San Francisco betrokken waren geweest, maar vinden dat de Pinnacle Eilanden buiten het verdrag vallen. Ze hebben nooit protest aangetekend tegen het Verdrag van San Francisco, waarschijnlijk doordat het samenviel met de turbulente periode van de oprichting van de Volksrepubliek China in 1949. In 1972, één jaar na het Okinawa Reversion Agreement , dook in Taiwan een decreet van de Chinese keizerin-weduwe Cixi op uit 1893, waarin drie van de Pinnacle eilanden aan een Chinese zakenman-apotheker werden geschonken. Het decreet is nooit uitgevoerd en documentonderzoek leidde tot de conclusie dat het waarschijnlijk om een vervalsing gaat. Japanse claim In de Basic View on the Sovereignty over de Senkaku Islands (1972) licht Japan haar claim toe met een focus op het ontdekken van terra nullius , d.w.z. niemandsland. Tokio redeneert dat de Chinezen nooit voet aan wal hebben gezet op de eilandengroep of het hebben geannexeerd dan wel effectieve controle hebben uitgeoefend met wetgeving en dat de eilanden dus niemands eigendom waren. Met verschillende overheidsbesluiten heeft Japan de eilandengroep geleidelijk geannexeerd en toegevoegd aan de prefectuur Okinawa in het uiterste zuiden van Japan tussen 1895 en 1920. Het (geheime) Kabinetsbesluit van 14 januari 1895 werd genomen een paar maanden voor het ondertekenen van het Verdrag van Shimonoseki en dus net voor het einde van de Eerste Chinees-Japanse Oorlog. Het Besluit beval het plaatsen van nationale gedenkstenen op twee van de Senkaku eilandjes (wat pas 75 jaar later gebeurde, kort na de publicatie van het ECAFE rapport) en het opnemen van deze twee eilandjes in de prefectuur Okinawa. In 1902 noemt Verordening nr. 49 van de prefectuur Okinawa alle Pinnacle eilandjes met uitzondering van één, dat uiteindelijk in 1920 via een mededeling in de Officiële Gazette wordt geannexeerd door Japan. De Japanse overheid verpachtte enkele van de eilanden in 1896 voor een periode van 30 jaar aan de zakenman Koga, die de eilandengroep in 1884 had “ontdekt”. Diens zoon kocht de eilanden van de Japanse regering in 1932 en verkocht ze in 1972 aan de Kurihara familie. In 2012 (rond de tijd van de publicatie van China’s White Paper ) kocht de Japanse overheid de eilanden en nationaliseerde ze. Japans standpunt is dat de eilandengroep nooit van China is geweest en daarom ook niet teruggegeven hoeft te worden volgens de Cairo Verklaring en de Okinawa Reversion Agreement . Internationaal recht In internationale jurisprudentie worden er verschillende begrippen gebruikt voor het claimen van nieuw en tot nog toe onbekend grondgebied. Ontdekking van terra nullius (onbekend, niet-geclaimd land) is daarbij de eerste maar onvolledige stap naar een volledige eigendomstitel. Het nieuwe gebied alleen zien en er langs varen is niet genoeg, er moet op zijn minst een claim op het gebied worden gelegd, bijvoorbeeld met een symbolisch ritueel zoals een vlag of gedenksteen plaatsen of door middel van een publieke bekendmaking, zodat een ander land geen aanspraak kan maken op het gebied. Een volgende stap is om binnen een redelijke termijn na de ontdekking effectieve controle te gaan uitoefenen over het gebied, bijvoorbeeld door het gebied te registeren in de kadastrale registers, te patrouilleren in de wateren rondom het gebied, visvergunningen af te geven of door er permanente nederzettingen voor militairen of burgers te bouwen. Een historische titel claimen is mogelijk wanneer je een gebied als eerste hebt ontdekt ooit in een ver verleden, maar dit moet wel opgevolgd worden door een symbolische of effectieve bezetting van het gebied, waarmee je aangeeft dat je controle uitoefent over dit gebied.

  • China's ruimtevaartprogramma | satellieten, maan, ruimtevluchten, ruimtestation, aardobservatie

    China's programma in de ruimte omvat het satellietsysteem Beidou, een ruimtestation, missies naar de maan en naar Mars en een aardeobservatiesysteem (CHEOS). China's ruimtevaart programma De ruimtevaartingenieur Qian Xuesen heeft een grote rol gespeeld in China’s ruimtevaart programma, nadat hij in 1955 uit Amerika was weggestuurd door de anti-communistische regering van president Eisenhower. Van 1955 tot 1970 voerde China het “Twee bommen, één satelliet” programma uit, waarin een atoombom, een raket en een satelliet werden ontwikkeld. Als onderdeel van het 863 programma (863 计划, ba liu san jihua,1986-2016, het National High-Tech programme) , gericht op het onafhankelijk ontwikkelen van geavanceerde technologie, werd vooronderzoek gedaan naar bemande ruimtevaart. Dit kreeg een vervolg met Project 921 (九二一工程,jiu er yi gongcheng oftewel 中国载人航天工程, zhongguo zairen hangtian gongcheng, China Manned Space programme (CMS ), het bemande ruimtevaartprogramma), waarbinnen begin jaren negentig het Shenzhou ruimtevaartuig ( 神舟飞船 , shenzhou feichuan, zie Afbeelding 1) werd ontwikkeld voor het uitvoeren van bemande ruimtevluchten. De China Academy of Space Technology (CAST) is verantwoordelijk voor de ontwikkeling van de Shenzhou-serie en is onderdeel van de China Aerospace Science and Technology Corporation (CASC). In totaal zijn er 23 vluchten geweest, waarvan 6 onbemand (status per 2026). De Shenzhou-1 werd zonder bemanning gelanceerd in 1999, terwijl de Shenzhou-2 (2001) dieren aan boord had. De eerste lancering van een bemande vlucht was in de Shenzhou-5 in 2003 met één astronaut, Yang Liwei. Met de Shenzhou-7 werd in september 2008 China’s eerste ruimtewandeling uitgevoerd door de astronaut Zhai Zhigang, die daarna nog twee ruimtewandelingen zou doen. China gebruikt overigens niet het woord ‘astronauten’ maar ‘taikonauten’. Met het koppelen in november 2022 van de Shenzhou-15 aan het Tiangong ruimtestation, was het CMS programma afgerond. De meest recente lancering was in mei 2026 met de Shenzhou-23 (SZ-23), waarbij drie astronauten naar het ruimtestation Tiangong werden gebracht. Shenzhou-24 zal naar verwachting ook in 2026 plaatsvinden. De Shenzhou ruimtevaartuigen zullen worden vervangen door de Mengzhou (梦舟 Dream Vessel), die sinds 2020 wordt getest en ontwikkeld door China Aerospace Science and Technology Corporation (CASC ) en waarschijnlijk rond 2027-2028 in gebruik wordt genomen, samen met een lander (Lanyue) en een Lange Mars 10 draagraket voor een missie naar de maan. Het Nationale Plan voor de Middellange en Lange Termijn voor Wetenschappelijke en Technologische Ontwikkeling (2006-2020) (国家中长期科学和技术发展规划纲要 (2006-2020年) vermeldt 16 nationale grote wetenschappelijke projecten (十六重大专项 shi liu zhongda zhuanxiang), waarvan er drie met de ruimte te maken hebben, nl. het ontwikkelen van hoge resolutie-aardobservatiesystemen, een programma voor bemande ruimtevaart en maanverkenningsprojecten. China Aerospace Science and Technology Corporation ( CASC ) is een staatsbedrijf betrokken bij de uitvoering van de nationale ruimteprogramma's, zoals China Manned Spaceflight (CMS), het Chang'e project (CLEP), het Beidou satellietsysteem en CHEOS (zie hieronder). De China National Space Administration (CNSA ) is verantwoordelijk voor de nationale civiele ruimtevaart activiteiten en internationale samenwerking. CNSA werkt samen met staatsbedrijven zoals CASC voor de uitvoering van de programma's. De Chinese overheid is niet scheutig met het geven van online informatie over haar ruimtevaart activiteiten en de beschikbare data op de officiële websites zijn derhalve beperkt en vaak verouderd. Informatie kan o.a. indirect verkregen worden via China's registratie voor satellieten frequenties via de International Telecommunication Union Space Explorer en nieuws van derden over de lancering van de satellieten. Afbeelding 1. Shenzhou ruimtevaartuig Internationale samenwerking China heeft samenwerkingsverbanden met vele landen en regionale organisaties (o.a. de BRICS landen) op het gebied van onderzoek (bijv. bodemmonsters van Mars), technologie, het trainen van astronauten, o.a. met Pakistan , UNOOSA en ESA . Het White Paper " China’s Space Program : A 2021 Perspective" noemt 46 bilaterale danwel multilaterale samenwerkingsverbanden sinds 2016, terwijl het International Institute for Strategic Studies vermeldt dat China 26 bilaterale overeenkomsten heeft getekend van 2022-2025 op het gebied van samenwerking in de ruimte, met een focus op de Global South . Satellieten In 1970 werd de eerste satelliet, de Dong Fang Hong 1, gelanceerd met een Lange Mars 1 raket en in een baan rond de aarde gebracht. Rond 1990 werd een communicatiesatelliet gelanceerd en kreeg China satelliettelevisie. China heeft verschillende lanceercentra voor satellieten, o.a. in Xichang (provincie Sichuan), Jiuquan (provincie Binnen-Mongolië) en Taiyuan (provincie Shanxi). Inmiddels heeft China meer dan 1000 satellieten gelanceerd, ook voor militair gebruik. Beidou Voor navigatie (vergelijk het Amerikaanse GPS en Europese Galileo) heeft China het BeiDou System (北斗卫星导航系统 , beidou weixing daohang xitong, Beidou Navigation Satellite System, BDS, ook wel genaamd COMPASS) opgezet sinds 2000, dat inmiddels uit 60 satellieten bestaat (zie Afbeelding 2) en in 3 fases is opgezet. BDS-1 (2000), experimentele fase voor gebruik binnen China, BDS-2 (2012) voor gebruik binnen de Azië-Pacific regio en BDS-3 (2020) voor de hele wereld. China is daarmee het derde land dat een zogenaamd global navigation satellite system (GNSS) heeft. De andere twee landen die dat ook hebben ontwikkeld, zijn Amerika (GPS) en Rusland (Glonass). China werkt al geruime tijd samen met Rusland op het gebied van uitwisselen van satelliet data en sloot in 2018 en 2023 overeenkomsten met Rusland hiervoor. BDS wordt binnen China o.a. toegepast in de landbouw, transport, bosbouw, visserij, de openbare veiligheid en bij het voorkomen van rampen. Afbeelding 2. Lancering 55e BDS satelliet. Bron: http://en.beidou.gov.cn/MULTIMEDIA/PHOTO/202007/t20200714_20781.html Megaconstellaties China is sinds 2024 bezig met het bouwen en lanceren van drie megaconstellaties (netwerken van duizenden satellieten die samenwerken in de ruimte) om wereldwijd breedband satelliet internet aan te kunnen bieden, ook in afgelegen gebieden. Alle drie projecten zijn gericht op lage omloopbanen om de aarde (Low-Earth Orbit, afgekort als LEO, d.w.z. in een baan die maximaal 2.000 km van de aarde is verwijderd) . Online is beperkt informatie beschikbaar. G60 Starlink De eerste megaconstellatie is het Duizend Zeilen Constellatie Plan (千帆星座计划 , qianfan xingzuo jihua, ook wel G60 Starlink project , G60星链 dan wel Spacesail Constellation genoemd; geen officiële website). De eerste 18 satellieten voor dit project zijn in augustus 2024 gelanceerd. In 2030 zouden er in totaal 15.000 satellieten de ruimte in moeten zijn gegaan voor dit project, dat een reactie is op de Amerikaanse Starlink satellieten van Elon Musk en OneWeb voor de zakelijke wereld. Het project wordt getrokken door het staatsbedrijf Shanghai Spacecom Satellite Technology (SSST), ook wel genaamd Shanghai Yuanxin Satellite Technology Co., Ltd. danwel SpaceSail . Guowang De tweede megaconstellatie is het Guowang project (国网, guowang danwel 卫星互联网系列卫星 weixing hulian wang xilie weixing, Satellite Internet Series Satellites van het staatsbedrijf China Satellite Network Group (中国卫星网络集团有限公司, China SatNet, geen website) om een wereldwijd 6G internet netwerk op te zetten. De eerste van de in totaal 13.000 satellieten hiervoor zijn in december 2024 gelanceerd . Honghu-3 Van de derde megaconstellatie, de Honghu-3 (鸿鹄三号), zijn de satellietfrequenties aangemeld bij de International Telecommunication Union (ITU) in mei 2024 door Shanghai Lanjian Hongqing Technology Company (上海蓝箭鸿擎科技有限公司 ), dat valt onder Landspace Technology Co. Ltd. (蓝箭航天空间科技股份有限公司 ) . De registratie vermeldt dat het om een project met 10.000 satellieten gaat dat in 2035 afgerond moet zijn. Op de websites van beide bedrijven is nauwelijks tot geen informatie te vinden over Honghu-3. De netwerken zullen verbonden worden met het Beidou systeem en waarschijnlijk ook voor militaire doeleinden worden ingezet ( dual-use), net als Starlink wordt gebruikt door het Oekraïense leger in de oorlog tegen Rusland. Een overzicht van bovenstaande en andere satelliet constellaties is te vinden op https://spacemapper.cn/zh-cn/info/satellite/constellation/list/index.html . Op de maan: Chang'e project De CNSA heeft in 2004 een plan gepresenteerd om de maan te onderzoeken, het Chang’e project (ook wel genoemd het 中国探月工程 , zhongguo tanyue gongcheng, Chinese Lunar Exploration Program, CLEP). Het bestaat uit vier fasen met onbemande lanceringen naar de maan. Tijdens fase 1 (2007-2012) werden orbiters (ruimtevaartuigen die in een baan om de maan draaien) gelanceerd om de maan te verkennen en te onderzoeken. Hiervoor zijn twee ruimtesondes (onbemande ruimtevaartuigen voor onderzoek) gebruikt, de Chang’e-1, die in 2007 werd gelanceerd en de Chang’e-2 , die in 2010 werd gelanceerd en foto’s maakten en het maanlandschap in kaart brachten. In de tweede fase (2013- 2019) werden er in december 2013 door de ruimtesonde Chang’e-3 een maanlander en een maanrover (genaamd Yutu) op de maan gezet om het maanoppervlak te bestuderen, beelden te maken en naar de aarde te sturen en bodemonderzoek te doen. De Chang’e-4 (januari 2019) zette ook een maanlander en een maanrover (Yutu 2) op de maan neer, dit keer op de verre zijde van de maan. Gedurende de derde fase (2020-2024) werden verzamelde grondmonsters naar de aarde gebracht voor onderzoek. Chang’e-5 werd met 3 jaar vertraging gelanceerd (november 2020) vanaf de nieuwe lanceerbasis in Wenchang (Hainan), nadat een eerdere lancering in juli 2017 was mislukt. In oktober 2014 was voor deze missie al een testvlucht uitgevoerd (Chang’e-5 T1). In de vierde en laatste fase van het project (2024-2030) wordt geconcentreerd op de zuidpool van de maan om daar een ruimtestation te bouwen. De Chang’e-6 ruimtesonde werd op 3 mei 2024 gelanceerd en bracht na 53 dagen monsters van de oppervlakte van de verre zijde van de maan mee terug naar de aarde. Chang’e-7 staat gepland voor de tweede helft van 2026 en gaat op de zuidpool van de maan op zoek naar water, terwijl Chang’e-8 in 2028 zal worden gelanceerd om de technologie voor het ruimtestation te testen en het ruimtestation ( Internatonal Lunar Research Station, ILRS ) te bouwen in samenwerking met buitenlandse partners. Voor beide missies is voorafgaand een uitnodiging tot internationale samenwerking gepubliceerd (zie https://www.cnsa.gov.cn/n6758823/n6758838/c6840869/content.html voor Chang'e-7). Daarna kunnen er astronauten naar de maan worden gezonden en China hoopt op de eerste bemande vlucht naar de maan in 2030 . Ruimtevluchten naar planeten in zonnestelsel In juli 2020 heeft China met de Tianwen-1 (天问一号, tianwen yihao) missie een ruimtevaartuig ( orbiter) gelanceerd, dat in februari 2021 in een baan rond de planeet Mars kwam en in mei 2021 de Zhurong Marsrover (zie Afbeelding 3) op de planeet Mars heeft gezet met behulp van een lander. De rover, een onbemand robotvoertuig, onderzoekt of er leven en water/ijs op Mars is (geweest) en verzamelt grondmonsters en gegevens over de oppervlakte en atmosfeer van de rode planeet. Sinds mei 2022 ‘slaapt’ de rover, waarschijnlijk doordat er teveel stof op de zonnepanelen is gekomen om weer stroom te genereren. Afbeelding 3. Zhurong Marsrover De Tianwen-2 (天问二号, tianwen erhao) missie begon in mei 2025 , zal meer dan 10 jaar duren en bestaat uit twee delen. Eerst vliegt een ruimtesonde naar de planetoïde (een kleine planeet die in een baan om de zon zweeft) Kamoʻoalewa (2016HO), die 14-20 miljoen kilometer verwijderd is van de aarde. Deze planetoïde zou afgebroken kunnen zijn van de maan en om dat te onderzoeken zal de planetoïde op afstand worden bestudeerd ( remote sensing). Er worden ook oppervlakte monsters genomen met een lander. Deze monsters zullen gelijk worden teruggezonden en eind 2027 aankomen op de aarde. Meteen daarna zal de ruimtesonde naar de planetoïde 311P/PANSTARRS gaan voor onderzoek. Deze planetoïde lijkt op een komeet, omdat hij meerdere ‘staarten’ lijkt te hebben. Deze 480 meter lange rots draait heel snel rond en zal gedurende een jaar van een afstand worden bestudeerd tijdens de missie. Het duurt ongeveer zeven jaar voor de ruimtesonde om bij de planetoïde-komeet te komen. Oorspronkelijk stond de vervolgmissie, de Tianwen-3 (天问三号 tianwen sanhao) , gepland voor 2030, maar deze is met twee jaar vervroegd naar 2028. Tijdens deze missie worden monsters meegenomen van Mars met een lander en een robot om meer te weten te komen over de geschiedenis van de planeet en over mogelijk leven op Mars. In deze missie wil China samenwerken met buitenlandse partners voor het bestuderen van de oppervlakte monsters van Mars en voor het opzetten van een onderzoeksstation op Mars in de toekomst. Er zijn inmiddels ook plannen voor een Tianwen-4 missie, die rond 2030 van start zal gaan, waarin de planeet Jupiter en zijn manen onder de loep zal worden genomen. Ruimtestation Tiangong China heeft sinds 2021-2022 een permanent ruimtestation. Dit station, Tiangong space station 天宫空间站, ook wel genaamd China Space Station , bestaat uit een kernmodule Tianhe (天和核心舱) en twee onderzoeksmodules, de Wentian (问天实验舱) en de Mengtian (梦天实验舱) die van 2021 tot 2022 zijn gelanceerd. Het permanente ruimtestation is de laatste stap van het China Manned Space Program (CMS), dat gericht is op het opzetten van bemande ruimtevluchten, een laboratorium in de ruimte en een ruimtestation, in eerste instantie met behulp van Russische ruimtevaarttechnologie en astronauttraining. Het Tiangong programma begon met Tiangong-1 (zie Afbeelding 4), een tijdelijk, klein ruimtestation dat van 2011 tot 2016 gebruikt werd met een laboratorium voor testen en om ervaring op te doen met het koppelen van ruimtevaartuigen aan het ruimtestation. Tiangong-2, de opvolger, was eveneens een tijdelijk ruimtestation dat van 2016 tot 2019 werd gebruikt voor het testen van technologie. Afbeelding 4: Tiangong ruimtestation Bron: https://www.cmse.gov.cn/xwzx/202301/t20230117_52275.html Er was in eerste instantie sprake van een tijdelijk Tiangong-3 ruimtestation, maar die missie is in 2017 komen te vervallen en samengegaan met Tiangong-2. Daarna werd in mei 2020 de Long March 5B draagraket gelanceerd als voorbereiding voor het permanente ruimtestation, fase 3. Bijna een jaar later, in april 2021 werd de Tianhe kernmodule gelanceerd, gevolgd door de Wentian module (juli 2022) en de Mengtian module (oktober 2022). De bevoorrading van het ruimtestation wordt vervolgens sinds mei 2021 tweemaal per jaar door de Tianzhou vrachtruimtevaartuigen uitgevoerd vanaf lanceerbasis Wenchang, terwijl de Shenzhou ruimtevaartuigen vanaf lanceerbasis Jiuquan de bemande missies voor hun rekening nemen. De laatste bemande missie was in mei 2026 met Shenzhou-23. Het ruimtestation bevindt zich op ruim 400 kilometer boven de aarde en heeft een levensduur van 10-15 jaar. Er zijn plannen voor uitbreiding van het aantal modules in het kader van internationale samenwerking, waarmee de huidige T-vorm van het ruimtestation de vorm van een kruis zou krijgen. China ontwikkelt momenteel de Xuntian telescoop (巡天空间望远镜), die naar verwachting in 2027 zal worden gelanceerd en het Tiangong ruimtestation zal gebruiken voor onderhoud. Aardobservatie: CHEOS Tot slot heeft China van 2010 tot 2020 het China High-resolution Earth Observation System programme (CHEOS ) 高分辨率对地观测系统 gaofen bian lü duidi guance xitong, ook wel genoemd Gaofen project 高分专项 ) ontwikkeld , waarbij met satellieten scherpe beelden van de aarde en de oceaan worden verzameld. Deze informatie kan bijvoorbeeld worden gebruikt bij rampenbestrijding, om klimaatverandering en de weersomstandigheden in de gaten te houden en voor militaire doeleinden. De CNSA is verantwoordelijk voor de uitvoering van het CHEOS programma. Het programma bestaat uit verschillende onderdelen: satellieten in de ruimte, luchtschepen in de lucht en grondstations die de data verwerken (zie Afbeelding 5) en is, net als het CMS programma (bemande ruimtevaart) en het CLEP programma (maanverkenning), onderdeel van het "Overzicht van het Nationale Middellange en Langetermijn Plan voor Wetenschappelijke en Technologische Ontwikkeling (2006-2020)" (国家中长期科学和技术发展规划纲要(2006-2020年). Afbeelding 5: CHEOS. Bron: CNSA CAST heeft voor dit project de Gaofen-satellieten ontwikkeld (Gaofen 1-14) die worden gecombineerd met onbemande luchtschepen om in de ruimte de beelden te verzamelen. Gaofen-1 is in 2013 gelanceerd en Gaofen-7 in 2019. De satellieten(constellaties) van Gaofen-8 tot en met -14 worden (ook) voor militaire doeleinden gebruikt, waardoor er beperkte informatie over beschikbaar is. De Haiyang 海洋 satellieten, ontwikkeld door de National Satellite Ocean Application Service (NSOAS, 国家卫星海洋应用中心 guojia weixing haiyang yingyong zhongxin, dat valt onder het Ministry of Natural Resources), verzamelen mariene data (oceaan, zee). Momenteel zijn er 7 satellieten in gebruik: HY-1C, HY-1D, HY-2B, HY-2C, HY-2D, HY-3A en de HY-4-01. Het China Centre For Resources Satellite Data and Application (CRESDA , 中国资源卫星应用中心, 1991) verzamelt data van 31 landsatellieten (o.a. CBERS-4, ZiYuan, HuanJing en GaoFen satellieten). Een overzicht van alle CRESDA-satellieten is hier te vinden. Het centrum valt onder de CAST en de CNSA. De CBERS-satellieten, een afkorting van China-Brazil Earth Resources Satellite program, vertegenwoordigen een samenwerkingsverband uit 1999. De ZiYuan-1 satelliet (资源一号卫星 ziyuan yihao weixing) werd later de CBERS-1 (1999-2003) genoemd, terwijl ZiYuan-2 ook voor militaire doeleinden werd ingezet (surveillance) en ZiYuan-3 is ontwikkeld door CAST. Zi-Yuan-3 bestaat uit meerdere satellieten, waarvan alleen de oudste, ZiYuan-3 01 niet meer actief is. ZiYuan-3 02 (2016) en 3 03 (2020) en 3 04 (2025) zijn nog actief en brengen het aardoppervlak in kaart. De HuanJing satellieten (环境) zijn ontwikkeld door CAST en verzamelen milieu- en landdata, o.a. ter voorkoming van rampen. HuanJing-1 bestond uit 3 satellieten die niet langer actief zijn. HuanJing-2 satellieten (zie Afbeelding 6) zijn gelanceerd tussen 2020 en 2023 en worden ingezet voor milieubescherming, water- en gewassenbeheer. De constellatie bestaat uit 4 satellieten (2A, 2B, 2E en 2F). Afbeelding 6. HuanJing 2E. Bron: https://www.eoportal.org/satellite-missions/hj-2#eop-quick-facts-section De Fengyun satellieten (FY series 1-4, 风云卫星, letterlijk vertaald "wind en wolken satelliet") maken sinds 1988 deel uit van het nationale meteorologisch programma en worden gebruikt door de China Meteorological Administration (中国气象局 zhongguo qixiang ju) om klimaatveranderingen en het weer in kaart te brengen. Aardobservatie data portalen Het ChinaGEOSS Data Sharing Network (ChinaGEOSS ) is het Chinese centrale dataportaal dat deelneemt aan de Group on Earth Observations (GEO ), een intergouvernementele organisatie waarbinnen China zeer actief is en data deelt met de internationale gemeenschap voor wetenschappelijke doeleinden. China focust daarbij op Zuid-Zuid ontwikkelingssamenwerking. Het China Platform of Earth Observation System (国家遥感数据与应用服务平台guojia yaogan shuju yu yingyong fuwu pingtai) is een nationaal platform dat data beschikbaar stelt aan (inter)nationale overheidsinstanties en onderzoekers na registratie. Satellieten In 1970 werd de eerste Chinese satelliet, de Dong Fang Hong 1, gelanceerd met een Lange Mars 1 raket en in een baan rond de aarde gebracht. Een satelliet kan gebruikt worden voor het voorspellen van het weer, voor het bestuderen van de aarde (bijv. voor spionage of in oorlog om vijandelijke troepen in de gaten te houden maar ook om hulp te kunnen bieden bij grote rampen), voor communicatie (mobieltjes, televisie) of voor navigatie (transport, bijv. voor auto’s, vliegtuigen, schepen). Rond 1990 werd een communicatiesatelliet gelanceerd en kreeg China satelliettelevisie. Het land heeft verschillende lanceercentra voor satellieten, o.a. in Xichang (provincie Sichuan), Jiuquan (1958; Binnen-Mongolië) en Taiyuan (Shanxi). Inmiddels heeft China meer dan 1000 satellieten gelanceerd, ook voor militair gebruik. Voor navigatie (vergelijk het Amerikaanse GPS en Europese Galileo) heeft China het Beidou systeem (BDS) opgezet sinds 2000, dat inmiddels uit 30 satellieten bestaat en in 3 fases is opgezet. BDS-1 (2000) voor gebruik binnen China, BDS-2 (2012) voor gebruik binnen de Azië-Pacific regio en BDS-3 (2020) voor de hele wereld. China is daarmee het derde land dat een zogenaamd global navigation satellite system (GNSS) heeft. De andere twee landen die dat ook hebben ontwikkeld, zijn Amerika (GPS) en Rusland (Glonass). China is sinds 2024 bezig met het bouwen en lanceren van drie megaconstellaties (netwerken van duizenden satellieten die samenwerken in de ruimte) om wereldwijd breedband satelliet internet aan te kunnen bieden, ook in afgelegen gebieden. Alle drie projecten zijn gericht op lage omloopbanen om de aarde ( Low-Earth Orbit , afgekort als LEO, d.w.z. in een baan die maximaal 2.000 km van de aarde is verwijderd) en het als eerste verkrijgen van satelliet frequenties bij de International Telecommunication Union . De eerste megaconstellatie is het Duizend Zeilen Constellatie Plan (千帆星座, afgekort G60星链, ook wel G60 Starlink project of Spacesail Constellation genoemd), van Shanghai SpaceSail Technologies Co. Ltd . (上海垣信卫星科技有限公司). De eerste 18 satellieten voor dit project zijn in augustus 2024 gelanceerd. Van 2023 tot 2025 zullen er satellieten worden gelanceerd voor een regionaal bereik. In de tweede fase zal het bereik wereldwijd worden. In 2030 zouden er in totaal 15.000 satellieten de ruimte in moeten zijn gegaan voor dit project, dat een reactie is op de Amerikaanse Starlink satellieten van Elon Musk en OneWeb , dat gericht is op de zakelijke wereld. Het project wordt getrokken door de Shanghai Spacecom Satellite Technology (SSST), een staatsbedrijf. De tweede megaconstellatie is het Guowang project (国网巨型星座, afgekort GW星座) van het staatsbedrijf China Satellite Network Group (中国卫星网络集团, China SatNet). De eerste reeks van de in totaal 13.000 satellieten hiervoor is in December 2024 gelanceerd. Van de derde megaconstellatie, de Honghu-3 (鸿鹄-3) , zijn de plannen aangemeld bij de International Telecommunication Union (ITU) in mei 2024. Het betreft een project van Shanghai Lanjian Hongqing Technology Co. Ltd (上海蓝箭鸿擎科技有限公司) met een constellatie van 10.000 satellieten. De netwerken zullen verbonden worden met het Beidou systeem en waarschijnlijk ook voor militaire doeleinden worden ingezet, net als het gebruik van Starlink door Oekraïense soldaten in de oorlog tegen Rusland. China's ruimtevaart programma De ruimtevaartingenieur Qian Xuesen heeft een grote rol gespeeld in China’s ruimtevaart programma, nadat hij in 1955 uit Amerika was weggestuurd door de anti-communistische regering van president Eisenhower. Van 1955 tot 1970 was China bezig met het “Twee bommen, één satelliet” programma, waarin een atoombom, een raket en een satelliet werden ontwikkeld . Als onderdeel van het 863 programma, ook wel genoemd National High-Tech programme , werd het Shenzhou ruimtevaartuig ontwikkeld voor het uitvoeren van ruimtevluchten met astronauten aan boord. De China National Space Administration (CNSA) is verantwoordelijk voor het nationale ruimtevaartprogramma. Op de maan Chang’e project De CNSA heeft in 2004 een plan gepresenteerd om de maan te onderzoeken, het Chang’e project (ook wel genoemd het Chinese Lunar Exploration Program , CLEP). Het bestaat uit vier fasen met onbemande lanceringen naar de maan. Tijdens fase 1 (2007-2012) werden orbiters (ruimtevaartuigen die in een baan om de maan draaien) gelanceerd om de maan te verkennen en te onderzoeken. Hiervoor zijn twee ruimtesondes (onbemande ruimtevaartuigen voor onderzoek) gebruikt, de Chang’e-1, die in 2007 werd gelanceerd en de Chang’e-2 , die in 2010 werd gelanceerd en foto’s maakten en het maanlandschap in kaart brachten. In de tweede fase (2013- 2019) werden er in december 2013 door de ruimtesonde Chang’e-3 een maanlander en een maanrover (genaamd Yutu) op de maan gezet om het maanoppervlak te bestuderen, beelden te maken en naar de aarde te sturen en bodemonderzoek te doen. De Chang’e-4 (januari 2019) zette ook een maanlander en een maanrover (Yutu 2) op de maan neer, dit keer op de verre zijde van de maan. Gedurende de derde fase (2020-2024) werden verzamelde grondmonsters naar de aarde gebracht voor onderzoek. Chang’e-5 werd met 3 jaar vertraging gelanceerd (november 2020) vanaf de nieuwe lanceerbasis in Wenchang (Hainan), nadat een eerdere lancering in juli 2017 was mislukt. In oktober 2014 was voor deze missie al een testvlucht uitgevoerd (Chang’e-5 T1). In de vierde en laatste fase van het project (2024-2030) wordt geconcentreerd op de zuidpool van de maan om daar een ruimtestation te bouwen. De Chang’e-6 ruimtesonde werd op 3 mei 2024 gelanceerd en bracht na 53 dagen monsters van de oppervlakte van de verre zijde van de maan mee terug naar de aarde. Chang’e-7 staat gepland voor 2027 en gaat op de zuidpool van de maan op zoek naar water, terwijl Chang’e-8 in 2028 zal worden gelanceerd om de technologie voor het ruimtestation te testen en het ruimtestation ( Internatonal Lunar Research Station , ILRS) te bouwen in samenwerking met buitenlandse partners. Daarna kunnen er astronauten naar de maan worden gezonden en China hoopt op de eerste bemande vlucht naar de maan in 2030. Afbeelding 1. Chang’e-1 in de ruimte Bron: CNSA China in de ruimte Ruimtevluchten naar planeten in het zonnestelsel In juli 2020 heeft China met de Tianwen-1 missie een ruimtevaartuig (orbiter) gelanceerd, dat in februari 2021 in een baan rond de planeet Mars kwam en in mei 2021 de Zhurong Marsrover op de planeet Mars heeft gezet met behulp van een lander. De rover, een onbemand robotvoertuig, onderzoekt of er leven en water/ijs op Mars is (geweest) en verzamelt grondmonsters en gegevens over de oppervlakte en atmosfeer van de rode planeet. Sinds mei 2022 ‘slaapt’ de rover, waarschijnlijk doordat er teveel stof op de zonnepanelen is gekomen om weer stroom te genereren. De Tianwen-2 missie begon in mei 2025, zal meer dan 10 jaar duren en bestaat uit twee delen. Eerst vliegt een ruimtesonde naar de planetoïde (een kleine planeet die in een baan om de zon zweeft) Kamoʻoalewa, die 14-20 miljoen kilometer verwijderd is van de aarde. Deze planetoïde zou afgebroken kunnen zijn van de maan en om dat te onderzoeken wordt de planetoïde op afstand bestudeerd ( remote sensing ). Er worden ook oppervlakte monsters genomen met een lander. Deze monsters zullen gelijk worden teruggebracht naar de aarde. Meteen daarna zal de ruimtesonde naar de planetoïde 311P/PANSTARRS gaan voor onderzoek. Deze planetoïde lijkt op een komeet, omdat hij meerdere ‘staarten’ lijkt te hebben. Deze 480 meter lange rots draait heel snel rond en zal gedurende een jaar van een afstand worden bestudeerd tijdens de missie. Het duurt ongeveer zeven jaar voor de ruimtesonde om bij de planetoïde-komeet te komen. Oorspronkelijk stond de vervolgmissie, de Tianwen-3, gepland voor 2030, maar deze is met twee jaar vervroegd naar 2028. Tijdens deze missie worden monsters meegenomen van Mars met een lander en een robot om meer te weten te komen over de geschiedenis van de planeet en over mogelijk leven op Mars. In deze missie werkt China samen met buitenlandse partners voor het bestuderen van de oppervlakte monsters van Mars en voor het opzetten van een onderzoeksstation op Mars in de toekomst. Er zijn inmiddels ook plannen voor een Tianwen-4 missie, waarin de planeet Jupiter onder de loep zal worden genomen. Ruimtestation Tiangong en bemande ruimtevluchten China heeft, net als Rusland, sinds 2021 een permanent ruimtestation. Dit station, Tiangong space station , bestaat uit verschillende modules (waaronder twee laboratoriummodules), die van 2021 tot 2022 zijn gelanceerd. Het ruimtestation is de laatste stap van Project 921, ook wel genoemd het China Manned Space Program (CMS), dat sinds 1992 bestaat en gericht was op het opzetten van bemande ruimtevluchten, een laboratorium in de ruimte en een ruimtestation met behulp van Russische ruimtevaarttechnologie en astronauttraining. Het Tiangong programma begon met Tiangong-1, een tijdelijk, klein ruimtestation dat van 2011 tot 2016 gebruikt werd met een laboratorium voor testen en om ervaring op te doen met het koppelen van ruimtevaartuigen aan het ruimtestation. Tiangong-2 was de opvolger van Tiangong-1, eveneens een tijdelijk ruimtestation dat van 2016 tot 2019 in gebruik was voor het testen van technologie. Afbeelding 2. Tiangong-1 Bron: CNSA Voor het vervoeren van de bemanning voor het ruimtestation zijn de Shenzhou ruimtevaartuigen ontworpen in het ‘863 programma’, dat gericht was op het onafhankelijk ontwikkelen van geavanceerde technologieën. De Shenzhou-1 werd zonder bemanning gelanceerd in 1999, terwijl de Shenzhou-2 (2001) dieren aan boord had. De eerste lancering van een bemande vlucht was in de Shenzhou-5 in 2003 met één astronaut, Yang Liwei. Met de Shenzhou-7 werd in september 2008 China’s eerste ruimtewandeling uitgevoerd door de astronaut Zhai Zhigang, die daarna nog twee ruimtewandelingen zou doen. China gebruikt overigens niet het woord ‘astronauten’ maar ‘taikonauten’. Met het koppelen in november 2022 van de Shenzhou-15 aan het Tiangong ruimtestation, was het CMS programma afgerond. De Shenzhou ruimtevaartuigen zullen worden vervangen door de Mengzhou, dat sinds 2020 wordt getest en ontwikkeld en waarschijnlijk rond 2027-2028 in gebruik wordt genomen, samen met een lander (Lanyue) en een Lange Mars 10 draagraket. Afbeelding 3. Shenzhou-3. Bron: CNSA Observatie aarde Tot slot heeft China sinds 2010 het China High-resolution Earth Observation System programma (CHEOS ), waarbij met satellieten scherpe beelden van de aarde en de oceaan worden verzameld. Deze informatie kan bijvoorbeeld worden gebruikt om rampen te voorkomen, om klimaatverandering en de weersomstandigheden in de gaten te houden, maar mogelijk ook voor militaire doeleinden. China heeft de Gaofen-satellieten ontwikkeld hiervoor (Gaofen 1-14; Gaofen-15 is in ontwikkeling) en combineert deze met onbemande luchtschepen om de beelden te verzamelen. Het programma maakt deel uit van het Medium and Long Term National Science and Technology Development Program (2006-2020). Afbeelding 4. CHEOS.

  • Chinese poëzie: Li Bai | My Site

    Gedichten van de dichter Li Bai uit de Tang dynastie, met woordenlijsten om er zelf een mooie vertaling van te maken, desnoods op rijm. Gedichten van Li Bai De Chinese dichter Li Bai (ook wel Li Taibai of Li Bo) leefde van 701-762, gedurende de Tang dynastie (618-907). Tijdens de Tang dynastie bloeide de kunst en cultuur in China. Li Bai staat bekend om zijn prachtige maar toch eenvoudige en luchtige gedichten, die hij naar verluid het gemakkelijkste uit zijn mouw schudde wanneer hij dronken was. Ook nu nog genieten zijn gedichten grote populariteit en Chinese schoolkinderen leren veel van zijn gedichten uit hun hoofd op school. Li Bai schreef vooral gedichten van het genre yuefu (letterlijk vertaald ‘Muziekbureau’). Dit zijn gedichten met regels van elk 5 of 7 karakters lang, die vroeger gezongen werden. Vaak verwijst de titel van het gedicht naar de melodie waarop de regels waren geschreven, maar het kan ook het onderwerp omschrijven waar het gedicht over gaat. De 2e en 4e regel in het gedicht rijmen vaak en de 1e regel soms ook (in het Chinees van toen; in het moderne Chinees rijmen karakters niet altijd meer door veranderingen in uitspraak). Verder kunnen de regels zijn opgebouwd volgens een 3+2, een 2+3 of een 4+3 of 3+4 opzet. Bij een 3+2 opzet horen de eerste 3 karakters en de laatste 2 karakters bij elkaar. Vaak vormen twee regels een set, die qua grammatica hetzelfde zijn opgebouwd en spiegelen met elkaar qua betekenis. Bijvoorbeeld “de gele maan” wordt gespiegeld met “de blauwe lucht” in de volgende regel. Of “bijvoeglijk naamwoord + zelfstandig naamwoord”, zoals “heldere maan” en “donkere nacht” vormen een contrast in de beide regels. Li Bai schreef vaak in zijn gedichten over onderwerpen die voor die tijd gebruikelijk waren voor ambtenaren die aan het koninklijk hof werkten en zich met deze dichtkunst bezig hielden. In zijn werk komen thema’s aan bod, die te maken hebben met het leven aan het koninklijk hof zoals de beschrijving van een beeldschone hofdame of de verlaten hofdame, maar ook afscheid nemen van vrienden, de vergankelijkheid van het leven (herfst), heimwee naar de hoofdstad (als de ambtenaar/dichter werd uitgezonden naar een plek ver weg van de hoofdstad, wat een degradatie betekende) of de beschrijving van een landschap om de gevoelens van de dichter weer te geven. Vaak kwam er bij Li Bai ook een kruik wijn aan te pas om zijn zorgen of eenzaamheid te vergeten. Kijk maar eens of het mogelijk is om van het (deel van het) volgende gedicht van Li Bai, “Alleen drinkend onder de maan” een mooie Nederlandse vertaling te maken. De woordenlijst helpt je daarbij, je hoeft geen Chinese voorkennis te hebben. Er zijn bovendien online verschillende Engelse vertalingen te vinden om je houvast te geven. Het gedicht bestaat uit regels van 5 karakters volgens een 2+3 opzet, waarbij de even regels rijmen/rijmden. Mocht je de smaak te pakken hebben, dan vind je onder dit gedicht nog meer gedichten met woordenlijsten erbij. Veel succes! Alleen drinkend onder de maan 月下独酌 yue xia du zhuo 花間一壺酒 hua jian yi hu jiu 獨酌無相親 du zhuo wu xiang qin 舉杯邀明月 ju bei yao ming yue 對影成三人 dui ying cheng san ren 月既不解飲 yue ji bu jie yin 影徒隨我身 ying tu sui wo shen 暫伴月將影. zhan pan yue jiang ying 行乐须及春 xing le xu ji chun Woordenlijst 花 bloemen 間 tussen 一 1, een 壺 pot 酒 wijn 獨 alleen 酌 drinken 無 er is geen, zonder 相親 familie, naaste, dierbare 舉 omhoog houden, opheffen 杯 beker 邀 uitnodigen 明 helder 月 maan 對 tegenover, kijken naar 影 schaduw 成 worden 三 3 人 personen, mensen 既 helaas 不 niet 解 meedoen, delen 飲 drinken 徒 tevergeefs 隨 volgen 我身 mijn lichaam, mij 暫 voorlopig, tijdelijk 伴 gezelschap houden 將 vergezellen, blijven bij 影 schaduw 行乐 genieten 须 moeten 及 profiteren van 春 lente Klacht op de marmeren treden Het volgende korte gedicht genaamd “Klacht op de marmeren treden” gaat over een eenzame hofdame. De 4 regels zijn elk 5 karakters lang volgens een 2+3 opzet maar rijmen niet. Woorden als ‘marmer’ en ‘zijden kousen’ geven aan dat het hier om een dame van stand gaat en de dauw verwijst naar de vroege ochtend. Deze vrouw wacht - in haar mooiste kleren - de hele nacht tevergeefs op haar minnaar aan het hof. 玉阶怨 yu jie yuan 玉阶生白露 yu jie sheng bai lu 夜久侵罗袜 ye jiu qin luo wa 却下水精帘 que xia shui jing lian 玲珑望秋月 ling long wang qiu yue Woordenlijst 玉 jade, marmer 阶 traptrede 生 groeien, ontstaan 露 dauw 夜 nacht, avond 久 lang, lange tijd 侵 naderen, doorweken 罗 zijden, van zijde gemaakt 袜 kousen 却 achteruit stappen, terug naar binnen gaan 下 naar beneden doen 水精 kristallen 帘 scherm, gordijn 玲珑 prachtig, fraai 望 kijken naar 秋 herfst 月 maan Herfstwind 秋风词 qiu feng ci 秋风清 qiu feng qing 秋月明 qiu yue ming 落叶聚还散 luo ye ju huan san 寒鸦栖复惊 han ya qi fu jing 相亲相见知何日 xiang qin xiang jian zhi he ri 此时此夜难为情 ci shi ci ye nan wei qing Woordenlijst 秋 herfst 风 wind 词 melodie 清 helder, schoon, fris 明 duidelijk, helder 落叶 gevallen bladeren 聚 zich verzamelen, zich opstapelen 还 ook, en weer, of, tegelijkertijd 散 zich verspreiden 寒鸦 kauw, kraai 栖 neerstrijken 复 en weer 惊 schrikken 相 elkaar 亲 persoonlijk, dichtbij 相见 elkaar zien 知 weten 何日 welke dag, wanneer? 此时 deze tijd, dit moment, dit uur 此夜 deze avond, deze nacht 难 moeilijk, zwaar 为 zijn 情 gevoelens, emoties Toelichting Dit gedicht werd vroeger gezongen, wat blijkt uit de titel van het gedicht "op de melodie Herfstwind". De dichter voelt zich eenzaam en melancholiek. Herfst is vaak symbolisch gebruikt voor vergankelijkheid en 'de nadagen van iemands leven'. Het gedicht is opgebouwd in paren. De eerste 2 regels zijn 3 karakters (2+1), de regels 3 en 4 hebben 5 karakters (2+3) en de regels 5 en 6 hebben 7 karakters (4+3). Door het hele gedicht heen zijn de regels in paren gespiegeld qua opbouw. Bijvoorbeeld in de eerste twee regels met herfstwind en herfstmaan. En kijk eens naar de herhaling in de eerste helft van de laatste 2 regels.


Het geschil tussen China en Japan over de Pinnacle eilanden was het onderwerp van mijn Master thesis.
Download de gehele Engelse tekst voor meer informatie over het onderwerp
Leer de basisprincipes van de Chinese taal met de zelfstudie methode "Chinees voor School en Thuis." Verkrijgbaar via https://www.eduforce.nl/totaalpakket-chinees-59840.html.
Privacybeleid
bottom of page